Main content

Inhoud

Eenden

In Nederland zijn een vijftigtal eendenfokkerijen actief. Ze liggen vooral in de noordelijke helft van het land. Samen houden zij ruim 1 miljoen eenden. Jaarlijks worden er meer dan 8.5 miljoen eenden geslacht in Nederland. 1 2 3

Video: Animal Rights maakte undercoverbeelden in de eendenfokkerij.

Nederlandse Veluwse eend

Voor de productie van eendenvlees worden in Nederland uitsluitend ‘pekingeenden’ gefokt, een zwaardere eendensoort die weinig eieren oplevert, maar veel vlees. De dieren worden selectief gefokt op snelle groei en hoog gewicht.

De volledige Nederlandse eendensector wordt beheerst door eendenslachterij Tomassen Duck-To in Ermelo. Dit bedrijf begeleidt en betaalt diverse andere eendenbedrijven voor het afleveren van eenden. Tomassen neemt het verdere productieproces op zich: slachting, verwerking, verkoop en export.1

De pekingeenden komen in de handel terecht als ‘hele eenden’, of ‘eendendelen’ zoals filets en bouten. Nederlanders zelf zijn niet tuk op eendenvlees. De gemiddelde consumptie per persoon bedraagt 300 gram per jaar. Het eendenvlees dat in Nederland geproduceerd wordt is voornamelijk bestemd voor de export. Negentig procent van de in Ermelo geproduceerde eenden gaat naar de Chinese restaurants in Europa, naar het Midden-Oosten en naar Singapore. De overige 10% wordt verkocht in retail, met name in Duitsland. 2 3 4 Een belangrijke afnemer van het eendenvlees is horeca groothandel Hanos.

Dons

De veren en het dons worden verwerkt in kussens en dekbedden van Auping, Ducky Dons, Yumeko en Swiss Sense en dragen het dierenwelzijnskeurmerk Responsible Down Standard (RDS). Begin 2018 won Animal Rights een zaak bij de Reclame Code Commissie omdat Auping ten onrechte op haar website beweerde dat eenden op de fokkerijen gezond leven, geen pijn lijden en geen angst of stress ervaren.

Vermeerderingsbedrijven, broederijen, opfok

Net als de vleeskippensector is de eendenhouderij opgebouwd als een productieketen met meerdere schakels. Er zijn vermeerderingsbedrijven waar ouderdieren gehouden worden. Op deze bedrijven worden de ouderdieren met enkele duizenden dieren gehouden in koppels van 200 à 300 dieren. Per vijf vrouwtjeseenden wordt één mannetjeseend gehouden. De vrouwtjes leggen in de leeftijdsperiode van 25 tot 77 weken zo’n 265 broedeieren. Na dertien maanden zijn ze ‘uitgelegd’ en worden ze afgevoerd voor de slacht. 1 2 3

De eieren van de ouderdieren worden kunstmatig uitgebroed in broederijen. Na 28 dagen komen de eieren uit. De ééndagskuikens worden opgevangen in opfokstallen met strooisel. Voer en drinkwater wordt automatisch verstrekt. Na drie weken gaan de eendenkuikens naar een vetmestbedrijf.

Levensomstandigheden in de vetmestbedrijven

Er bestaan geen specifieke welzijnswetten voor het houden van eenden voor vleesproductie. De eendenfokkers zijn slechts gebonden aan de ‘algemene welzijnseisen voor dieren’. 4

In de praktijk worden de Nederlandse vleeseenden vetgemest in gesloten schuren met een bezettingsgraad van 6 à 7 eenden per vierkante meter. De stalvloer is bezaaid met stro. Voer en drinkwater worden toegediend via automatische systemen. In zes en een halve week tijd groeien de kuikens uit tot eenden van ruim 3,2 kilo. Dan zijn ze ‘klaar’ voor de slacht. 5 6 7

Welzijns- en gezondheidsproblemen

Het selectief fokken van eenden op snelle groei en hoog gewicht kan leiden tot hart- en circulatiestoornissen, en problemen met lever en longen. Ook de ontwikkeling van botten en gewrichten wordt verstoord door het snelle groeiproces met bewegingsproblemen en pijn tot gevolg. 1

Het Nederlandse houderijsysteem beperkt de eenden sterk in hun natuurlijk gedrag. In Nederland is binnenhuisvesting van eenden verplicht bij wet, omwille van milieuaspecten. De binnenhuisvesting heeft nadelige gevolgen voor het welzijn van de eenden. Het ontbreken van natuurlijk daglicht maakt dat de eenden minder actieve gedragingen uitoefenen, zoals snebberen, poetsen en eten. De automatische voer- en drinksystemen in de gesloten stallen komen niet tegemoet aan de natuurlijke behoefte van eenden om zelf actief naar voedsel te zoeken.2

Waternood!

Een zeer groot probleem voor de eenden in de fokkerijen is het gebrek aan open water. Eenden zijn watervogels. Ze hebben open water nodig om te zwemmen, om hun verenkleed schoon te houden, om te snebberen, om op natuurlijke wijze voedsel te zoeken, kortom om te doen wat alle eenden in normale omstandigheden doen. 3

In januari 2011 publiceerde de Universiteit Wageningen een uitgebreid rapport over de welzijnsproblemen bij eenden ten gevolge van het ontbreken van open water. Uit het onderzoek bleek dat het ontbreken van water in de eendenstallen het belangrijkste welzijnsprobleem is in de eendenhouderij. Watervoorziening via drinknippels is ontoereikend voor een goede lichaamsverzorging, en voor reiniging van ogen en neusgaten. Ook werd vastgesteld dat verstrekking van open water een positieve invloed heeft op de voer- en wateropname van eenden, in vergelijking met het uitsluitend verstrekken van water via een drinknippel.4

Het rapport van Wageningen toont aan dat het ontwikkelen van geschikte watervoorzieningssystemen essentieel is voor het welzijn van eenden in fokkerijen. Ook de Raad van Europa beveelt aan om eenden open water te verstrekken, maar er gelden geen wettelijk bindende eisen op dit vlak.

Dierenwelzijn is bijzaak

Drie jaar na de publicatie van het rapport maakte de Universiteit Wageningen een stand van zaken op over de verdere ontwikkelingen in de Nederlandse eendenhouderij. De conclusie luidde als volgt:

“In recente vakliteratuur zijn geen initiatieven/innovaties m.b.t. open water gevonden. Hiervoor hebben we ook geen subsidieaanvragen bij de overheid langs zien komen of terug kunnen vinden… Er lag een projectvoorstel voor het onderzoeken van systemen voor open water. De sector vond het plan destijds te duur… Er zijn geen aanwijzingen voor ontwikkelingen op het gebied van welzijn van vleeseenden, in het bijzonder v.w.b. toegang tot open water in de stallen.”1

Met andere woorden: de Nederlandse eendensector heeft geen enkel initiatief genomen om haar belangrijkste welzijnsprobleem op te lossen. Zoals in alle sectoren van de vleesindustrie is ook hier de vuistregel: 'zoveel mogelijk produceren met zo min mogelijk kosten'. Dierenwelzijn is bijzaak.

Uitval

Net zoals in alle andere productiedieren-sectoren zijn er ook in de eendenhouderij dieren die vroegtijdig sterven. De ‘uitval’ in de eendenhouderij ligt rond de 10% wat betreft de ouderdieren in vermeerderingsbedrijven. In de afmestbedrijven bedraagt de uitval 2 à 3 procent. 2

Klaar voor de slacht

De overlevende eenden in de vetmestbedrijven zijn slachtrijp als ze negen en een halve week oud zijn. Dan wordt de eendenstal geruimd. De eenden worden bij elkaar gedreven naar een vangplek. Daarbij zijn er altijd wat slecht lopende en/of benauwde eenden en zogenaamde “achterblijvers” die met de hand of een kruiwagen naar de vangplek moeten worden gebracht. Bij het vangen worden de eenden bij de nek opgepakt en in plastic kratten geladen voor transport naar het slachthuis. 1 In juli 2018 bracht Animal Rights via RTL Nieuws de misstanden bij het op deze wijze vangen van eenden naar buiten. 2 Op de beelden is te zien hoe eenden bij hun nek worden gegrepen en hardhandig in kratten worden gesmeten. Eenden worden geschopt, bij de nek gepakt, doodgetrapt en doodgeslagen. Naar aanleiding van deze beelden haalden de PLUS supermarktketen alle eendenproducten uit hun schappen. De afnemers van dons reageerden geschokt. Animal Rights diende een handhavingsverzoek in bij de NVWA.

Elektrisch waterbad

Het elektrisch waterbad bedwelmen is een omstreden techniek waarbij het eerste en laatste waterbad dat pluimvee krijgt, gebruikt wordt om ze te verdoven voor de slacht. De effectiviteit van de methode is door verschillende onderzoeken in twijfel getrokken waardoor in 2011 is besloten de bedwelmingsmethode in Nederland uit te faseren. 3 Ook is er sinds 1 januari 2013 een strengere EU-regelgeving in plaats gekomen die het gebruik van het waterbad ontmoedigt. 4 Tegenwoordig zijn bijna alle slachterijen in Nederland overgestapt naar een gasverdoving met CO2, 5 behalve eendenslachterij Tomassen Duck-To in Ermelo. Bij binnenkomst in het slachthuis worden de eenden aan de poten in de slachthaak gehangen waarmee ze door het waterbad gevoerd worden. 6 De werking van het elektrisch waterbad is te vergelijken het krijgen van een epilepsieaanval. De spieren verkrampen en de dieren slaan wild om zich heen. Op dat moment kunnen vleugels en botjes breken. Doordat er als gevolg bot- en bloedresten in het vlees terecht kunnen komen, worden vaak lagere frequenties gebruikt, wat weer leidt tot grotere aantallen onvolledig bedwelmde dieren. 7

De minimum stroomsterkte die dieren krijgen is volgens Europese richtlijnen vastgesteld op 100 mA, ongeacht frequentie.8 Door de grote variatie in onder andere de weerstand van de individuele dieren is het vaak niet het geval dat ze direct verdoofd zijn met het gebruik van een elektrisch waterbad. Elk dier ondergaat een variabele stoomsterkte, afhankelijk van de vervuiling van slachthaken, contact tussen de haak en poten van het dier, individuele weerstand en lichaamsmassa. De dieren kunnen te veel of te weinig stroom krijgen, waardoor in het laatste geval ze niet voldoende verdoofd worden. Uit onderzoek van Wageningen UR Livestock Research blijkt dat een aanzienlijk deel van de dieren niet voldoende verdoofd wordt door de omstreden bedwelmingsmethode.

Uit het onderzoek van Wageningen UR blijkt verder dat met deze methode het vrijwel onmogelijk is om ieder dier voldoende te verdoven zonder andere dieren te overdoseren. Bovendien wijst het onderzoek uit dat zelfs als de methode effectief wordt toegepast, het erg stressvol kan zijn voor de dieren. Het levend ophangen aan de slachthaken veroorzaakt stress, pijn en verwondingen zoals breuken, kneuzingen en ontwrichtingen. Een pre-verdovingsschok kan plaatsvinden als de vleugels eerder dan de kop het water raken, als het onder stroom staande water het bad uitstroomt, of als de dieren tegen elkaar aankomen. Als een dier zijn kop optrekt is er bovendien een kans dat het helemaal niet verdoofd raakt en volledig bij bewustzijn geslacht wordt. Een ander onderzoek rapporteert een percentage van 10% van onverdoofde dieren. 9 Enkele vogels kunnen aan de andere kant geheel of gedeeltelijk het mes ontwijken waardoor ze verdrinken in water van 50 graden als ze niet handmatig door een controleur alsnog worden aangesneden.

Animal Rights

In de zomer van 2018 bracht Animal Rights de inspectie rapporten van de NVWA bij het slachthuis naar buiten. 1 De rapporten spreken onder andere over eenden die tijdens het doorsnijden van de halsslagaders weer bijkwamen, het aansnijden met een bot mes, eenden die van de slachtlijn vielen of hieraan aan één poot werden opgehangen, overbelading van de transport kratten, hittestress door onvoldoende ventilatie, of het vinden van levende eenden in kadaverbakken. Directeur Gertjan Tomassen wuifden de feiten weg.

Op 2 oktober bood Animal Rights 25.000 handtekeningen aan de Tweede Kamer aan van de petitie die een einde moet maken aan de eendenfokkerij. De PvdD beloofde deze strijd op te pakken.