Main content

Inhoud

BPRC

Het Biomedical Primate Research Center (BPRC) is het grootste apentestcentrum van Europa. Aan de Lange Kleiweg in Rijswijk worden jaarlijks honderden apen gebruikt in dierproeven. Het gaat om resusapen, java-apen en penseelapen. Volgens de laatste telling zitten er 1437 apen in het BPRC.

Waar komen de apen vandaan?

Het BPRC heeft een grote fokgroep van apen in zijn bezit. Van 2010 tot en met 2017 zijn er maar liefst 1668 apen geboren in het apentestcentrum. Toch heeft het BPRC nog steeds nieuwe apen nodig om inteelt te voorkomen. 1 Deze apen worden aangekocht via apenhandelaar Hartelust uit Tilburg. De apen zijn afkomstig uit enorme Chinese apenfokkerijen en worden naar Nederland getransporteerd.

Apen worden doodziek gemaakt

Animal Rights bestudeert de onderzoeken van de betrokken dierproefnemers van het BPRC. Zo doet het BPRC onderzoek naar MS door penseelapen ziek te maken met stoffen die hun zenuwen aantasten. De dieren raken verlamd, blind en apathisch. Na een lange lijdensweg krijgen de apen een dodelijke injectie.

In november 2018 kreeg het BPRC toestemming om in de aankomende 5 jaar maar liefst 100 rhesusapen, 40 java-apen en 48 penseelapen te gebruiken in experimenten naar malaria. In de aanvraag voor de dierproef wordt vermeld dat de handelingen stress bij de apen veroorzaakt. Volgens de onderzoekers zal een deel van de dieren (20%) genezen van malaria: zij blijven deel uitmaken van het dierbestand op het instituut en is beschikbaar voor hergebruik. De overige 80% wordt gedood om weefsels en organen te onderzoeken.

Lomp en gevoelloos

De undercoverbeelden die gemaakt zijn in het BPRC tonen aan hoe lomp en gevoelloos de medewerkers omspringen met de apen. Op de beelden is te zien hoe apen worden afgemaakt voor het oog van andere apen die doodsbang zitten opgesloten in hun krappe kooien.

Aantal dierproeven in het BPRC

Volgens het jaarverslag van het BPRC werden in 2017 maar liefst 315 proefdieren gebruikt. Het ging om 232 resusapen, 42 java-apen en 41 penseelapen. 1 De apen werden na afloop van de experimenten afgemaakt of opnieuw ingezet voor een volgende dierproef. In 2018 heeft het BPRC 204 dierproeven op apen uitgevoerd.

Over de periode 2007 tot en met 2017 heeft het BPRC maar liefst 2070 dierproeven op apen uitgevoerd.

Hoe zit het nu met de reductie van 40%?

Het BPRC heeft in 2018 de opdracht van het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap gekregen om het aantal dierproeven met 40% te verminderen. Daarnaast moest per direct begonnen worden met het verkleinen van de fokkolonie door geboortebeperking. In 2019 presenteerde het BPRC het plan dat meer weg heeft van een reclamefolder.

Tweede Kamerlid Frank Wassenberg van de Partij voor de Dieren is zeer kritisch: "Niet alleen een uitgewerkt plan ontbreekt, het BPRC sjoemelt met de cijfers door te stellen dat het aantal experimenten op apen wordt teruggebracht tot 150. Maar dat is NIET de opdracht. Het aantal proeven op apen moet tot 2025 met 40% worden verminderd. DAT is de opdracht. Het BPRC voert zo’n 200 tot 250 proeven op apen paar jaar uit, schrijft de minister. Het BPRC is preciezer, op pagina 13 van hun plan. In de laatste 5 jaar heeft het BPRC 1034 proeven op apen gedaan, gemiddeld dus 207 per jaar. En in de laatste 10 jaar waren het 2234 proeven, dus 223 per jaar. Dat zijn de gemiddelden. Daarmee betekent een reductie van 40% geen 150 dierproeven op apen vanaf 2025, maar 124 tot 134. Het voorstel van het BPRC komt neer op een reductie van zo’n 30%. Daar kan de minister toch niet mee akkoord gaan?"

Wie financiert het BPRC?

De inkomsten van het BPRC fluctueren tussen de 10 en 14 miljoen euro per jaar. Het apentestcentrum heeft drie belangrijke inkomstenbronnen: de exploitatiefinanciering vanuit het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap (50%), de inkomsten uit externe projecten (circa 45%) en de overige inkomsten zoals subsidies van het Bill & Melinda Gates Foundation en Michael J. Fox Foundation (5%). 1

Externe projecten zijn geld en middelen voor ingediende en goedgekeurde onderzoeksvoorstellen van o.a. EU-fondsen.

Zijn apentesten moreel acceptabel?

In het proefdierkundig jaarverslag 2012 van het BPRC staat het volgende: “mensen zijn de slimste apen. Een van deze menselijke slimmigheden is het vermogen om te begrijpen dat ook andere individuen gedachten, wensen, bedoelingen en kennis hebben.” 1

Het BPRC geeft aan dat apen gebruikt worden omdat deze nauw verwant zijn aan de mens. Maar dat zou ook direct de belangrijkste afweging moeten zijn om juist geen dierproeven uit te voeren. Dieren die zoveel op ons lijken verdienen dezelfde wettelijke bescherming.

Film over de campagne van Een DIER Een VRIEND voor sluiting van het apentestcentrum BPRC

Wat hebben dierproeven in het BPRC opgeleverd?

Het morele argument van het BPRC is dat dierproeven uitgevoerd worden om ernstige ziektes voor de mens te bestrijden met als doel het ontwikkelen van effectieve medicijnen of vaccins. Deze argumentatie wordt ook ingezet om fondsen bij de EU en goede doelen los te weken. Wanneer je echter de behaalde resultaten op de website van het BPRC bekijkt dan valt het morele argument weg. Volgens het BPRC heeft het onderzoek ‘tot belangrijke inzichten geleid in ziektes als aids, artritis en malaria. Recente doorbraken zijn de ontwikkelingen en verfijning van modellen voor multiple sclerose, Parkinson en tuberculose.’ 1

Deze belangrijke inzichten, ondanks tientallen jaren onderzoek, hebben niet geleid tot de oplossing van ziektes of het ontwikkelen van effectieve medicijnen of vaccins. Deze inzichten resulteren in vervolgvragen bij de onderzoekers: nog meer dierproeven.

De ontwikkeling en verfijning van modellen voor multiple sclerose, Parkinson en tuberculose is typische wetenschapsjargon. Hiermee wordt bedoeld dat er methoden zijn ontwikkeld om deze ziektes in apen na te bootsen. De apen zijn de modellen. De resusaap is, na de mensaap zoals de chimpansee, het proefdier dat het meeste op mensen lijkt. Toch zit er 25 miljoen jaar evolutie tussen een resusaap en een mens. De dierproefnemers lopen dan ook tegen tal van problemen aan.

Ziektes die in de apen worden opgewekt zijn vaak niet dezelfde ziektes als bij de mens: zo krijgen apen geen HIV maar SIV. Bovendien worden de ziektes kunstmatig opgewekt waardoor het verloop van de ziekte weer verschilt met die van de mens. En dan moeten de resultaten behaald in dieren ook nog eens vertaald worden naar de mens.

Geen resultaat

Uit een studie van biofarmaceut Peter van Meer van de Universiteit Utrecht blijkt dat het nut van dierproeven zeer beperkt is. Hij trok deze conclusie nadat hij 33 Europese registratiedossiers bestudeerde waarbij ruim 5.000 makaken en 68 chimpansees in ruim 6.000 experimenten zijn ingezet als proefdier voor biotechnologische medicijnen. 2

Het is dan ook niet vreemd dat het BPRC de ontwikkeling en verfijning van modellen voor multiple sclerose, Parkinson en tuberculose als een resultaat ziet. Echter de reden waarom dierproeven gefinancierd en goedgekeurd worden is voor de ontwikkeling van effectieve medicijnen of vaccins. Door het uitblijven van resultaten valt deze morele vergoelijking volledig weg.

Wat wij willen

Animal Rights voert samen met dierenrechtenorganisatie Een DIER Een VRIEND campagne voor stopzetting van de apenexperimenten. We willen dat de miljoenen euro’s subsidie besteed worden aan moderne dierproefvrije technieken en niet aan verouderde dierproeven. De apen die nu opgesloten zitten moeten met pensioen: zij verdienen de juiste zorg in een gespecialiseerd opvangcentrum.