De wolveninquisitie – ‘Landelijke aanpak’

mei 28, 2025 | Jacht

Op 9 mei 2025 lanceerden het ministerie van Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur (LVVN) en het ministerie van Economische Zaken een internetconsultatie 1 over het ‘Besluit bescherming wolf en goudjakhals’. Het besluit behelst staatssecretaris van LVVN Jean Rummenie’s plan om de onlangs afgekondigde verlaging van de beschermingsstatus van wolven om te zetten in een Nederlandse heksenjacht op wolven.

De Nederlandse overheid is van mening dat de bestaande regelgeving ontoereikend is gebleken om adequaat te kunnen optreden tegen ‘incidenten’. Rummenie bedoelt daarmee dat, tot 16 mei, geen rechter in de ontoereikende motivering van de anti-wolf provinciebesturen trapte.

De internetconsultatie is daarmee een voortzetting van de populistische propagandamachine van de Haagse politieke lakeien van vee-industrie en jagers. Het afschalen van de beschermde status van de wolf binnen Europa kan niet snel genoeg vertaald worden naar nationale wetgeving:
“Met het voorstel wordt de mogelijkheid gecreëerd om beter op te kunnen treden bij incidenten met wolven en tegelijk een voldoende bescherming aan wolven te bieden. Tevens wordt de aanpassing van de Europese regelgeving over de bescherming van wolven vertaald naar de nationale regelgeving.”

Lees ook: Bern conventie buigt voor angst- en haatcultuur rondom wolf.

Over bescherming van wolven gaat het verder nergens. In het plan is, bijvoorbeeld, niets opgenomen over het stoppen van de jacht op prooidieren van de wolf, het openen van afgesloten ecoducten, het voorkomen van verkeersdoden onder wolven, of het oprichten van opvang en revalidatiecentra voor gewonde wolven.
Het verplicht aanmelden van leefgebieden van de wolf als Natura 2000-gebied bij de Europese Commissie wordt resoluut afgewezen, tenminste tot 2029, en over de verplichting tot en het handhaven op bescherming van buiten gehouden dieren staat er alleen: ”De algemene regel is dat wanneer schade redelijkerwijs te voorkomen is, een tegemoetkoming in de schade niet voor de hand ligt.”

Het doel van Rummenie is om, zolang er geen Endlösung voor de wolf mogelijk is, het zo makkelijk mogelijk te maken om zoveel mogelijk wolven af te schieten. De samenvatting: “Het voorstel betreft regelgeving voor de bescherming van wolven en de aanpak van incidenten met wolven in Nederland”, moet dan ook gelezen worden als een streven naar de minst mogelijke bescherming van wolven en het maximaal vereenvoudigen van afschot van wolven, binnen de bestaande EU-regels.

Iedereen kan tot 6 juni 2025 zijn of haar mening geven over de plannen van Rummenie en trawanten.

Lagere bescherming

Het plan is om de status van de wolf gelijk te trekken met alle andere zoogdiersoorten met een lagere beschermingsstatus dan ‘strikt beschermd’. De wolf wordt gebracht onder de reikwijdte van de vergunningplicht voor flora- en fauna-activiteiten geregeld in artikel 11.54 van het Besluit activiteiten leefomgeving (Bal). Daarmee zijn het opzettelijk doden en opzettelijk vangen van wolven vergunningplichtig.

Voor de niet-strikt beschermde soorten, die onder de reikwijdte van artikel 11.54 van het Bal vallen, bevat artikel 8.74l van het Besluit kwaliteit leefomgeving (Bkl) de specifieke regels voor de beoordeling van aanvragen om een omgevingsvergunning voor een flora- en fauna-activiteit. Deze regels zijn destijds, bij de totstandkoming van de Wet natuurbescherming, ontleend aan het beoordelingskader voor vergunningverlening voor handelingen ten aanzien van strikt beschermde soorten (artikel 8.74k van het Bkl); bij het opgaan van het stelsel van de Wet natuurbescherming in dat van de Omgevingswet, zijn deze regels beleidsneutraal overgenomen in het Bkl. De beoordelingsregels voor de strikt beschermde soorten bieden een logisch afwegingskader, ook voor niet-strikt beschermde soorten.

Het gaat bij het afwegingskader in de kern om drie vereisten die moeten zijn vervuld:
Het eerste vereiste is dat voor de potentieel schadelijke handeling geen andere bevredigende oplossing bestaat. Het tweede vereiste is de aanwezigheid van een goede rechtvaardigingsgrond voor de handeling. Het derde vereiste is dat door het toestaan van de handeling geen afbreuk wordt gedaan aan het streven om de populaties van de betrokken soort in hun natuurlijke verspreidingsgebied in een gunstige staat van instandhouding te laten voortbestaan.

Rummenie vindt voor wolven een toepasselijke – ook voor strikte beschermde soorten geldende – rechtvaardigingsgrond in: ‘het belang van volksgezondheid, de openbare veiligheid of andere dwingende redenen van groot openbaar belang’.

Daardoor hoeft, volgens Rummenie, bij probleemwolven en probleemsituaties met wolven, als gedefinieerd in zijn nieuwe regels, niet meer te worden gemotiveerd 1) dat er geen andere bevredigende oplossing bestaat voor het ingrijpen en 2) dat er sprake is van een rechtvaardiging voor dat ingrijpen vanuit het belang van volksgezondheid en openbare veiligheid. Dat staat dan vast.

Zorgplicht

Op grond van artikel 11.54 van het Bal is het verstoren van de wolf niet vergunningplichtig, vindt Rummenie. Dat betekent, volgens hem, dat het verstoren van wolven in het kader van aversieve afschrikking (negatieve conditionering) mogelijk is zonder omgevingsvergunning.

Verstoring valt, echter, wel onder de specifieke zorgplicht, die is geregeld in artikel 11.27 van het Bal.

Permanente vergunning voor afschot

Wat Rummenie wil is dat langer lopende vergunningen kunnen worden gebruikt voor de aanpak van alle incidenten gedurende de geldigheidsduur van de vergunning, zodat niet steeds per geval een vergunning hoeft te worden gevraagd.
Rummenie ziet dit als ”een opdracht aan een speciale eenheid die op basis van een koepelvergunning bij alle incidenten kan optreden, in plaats van per incident een vergunning aan te moeten vragen.”

Wat hij tracht te doen is dierenrechten- en natuurbeschermingsorganisaties buiten spel te zetten. Vergunningen per geval kunnen per geval worden aangevochten, langlopende vergunningen slechts één keer.

Zelfs de rechter in de Veluwse wolf zaak gaat in haar schandelijke uitspraak niet mee in het BBB-sentiment om er in iedere zogenaamde ‘probleemsituatie’ maar meteen op los te knallen: ”De voorzieningenrechter wenst nog te benadrukken dat het voorgaande niet met zich meebrengt dat als een wolf een keer een mens heeft gebeten dit per definitie betekent dat er een noodzaak bestaat om tot afschot van de wolf over te gaan vanwege de openbare veiligheid. Dat hangt steeds af van de specifieke situatie en context, waarbij in elk geval voldoende aannemelijk moet zijn dat het gedrag van een wolf (ook bij een bijtincident) als afwijkend gedrag getypeerd kan worden.”

Rechters en NGO’s buitenspel zetten

Rummenie is duidelijk over het waarom van deze regels: hij wil geen juridische blokkades. ”De bijzondere regels voor de wolf zijn onder andere een antwoord op de in procedures bij de rechter ervaren problemen in de tijd dat de wolf nog was geplaatst op bijlage IV bij de Habitatrichtlijn en gold als een strikt beschermde soort. Het bleek in de praktijk soms moeilijk om in een omgevingsvergunning voor het doden of het vangen van een wolf een dragende, bij de rechter houdbare motivering te geven. Het ging daarbij met name om de vraag of er daadwerkelijk sprake was van een wolf die (spoedig) ingrijpen rechtvaardigde vanuit het belang van volksgezondheid of openbare veiligheid en de vraag of er geen sprake was van een andere bevredigende oplossing. Duidelijk is dat geschillen over de motivering van de gerechtvaardigdheid van ingrijpen aan een adequaat optreden bij incidenten in de weg kunnen staan.”

”Om dat probleem op te lossen voorziet deze amvb in een eenduidige definitie van ‘probleemwolf’ (artikel 8.74la, tweede lid) en in een wettelijke regeling die vaststelt dat in het geval er sprake is van afschot van een probleemwolf, twee van de drie voorwaarden voor vergunningverlening automatisch zijn vervuld, namelijk het ontbreken van een andere bevredigende oplossing en het bestaan van een rechtvaardigingsgrond (artikel 8.74la, eerste lid). Als na consultatie van een wolvendeskundige blijkt dat er sprake is van een probleemwolf, kan uitgesloten worden dat er minder ingrijpende alternatieve maatregelen dan afschot beschikbaar zijn. In de definitie van probleemwolf ligt namelijk besloten dat er reeds is gepoogd om met minder ingrijpende maatregelen het beoogde doel te bereiken, maar dat dat doel daarmee niet kon worden bereikt …”

Medeplichtigheid van zelfverklaarde wolvendeskundigen vereist

Het verlenen van een omgevingsvergunning voor het doden of vangen van wolven wordt in Rummenie’s droomscenario niet per incident verleend, maar voor alle incidenten die zich gedurende de looptijd van de vergunning voordoen. Dat heet ‘op voorhand’ en dat mag niet. Het college van Gedeputeerde Staten van een provincie mag een vergunning pas verlenen als daartoe een noodzaak is en dat kan niet als je een algemene vergunning afgeeft voor een denkbeeldige, toekomstige ‘probleemsituatie’ of ‘probleemwolf’.

Rummenie tracht dat te ondervangen door in artikel 8.74ra van het Bkl te regelen dat bij gebruikmaking van de vergunning te allen tijde eerst een wolvendeskundige dient te worden geraadpleegd. Die deskundige neemt dan de taak van de provincie over om te bepalen of (het uitvoeren van wat vergund is noodzakelijk is:
”Daarbij wordt met het onderhavige besluit wel vereist dat bij het gebruik van de vergunning in individuele gevallen steeds raadpleging van een wolvendeskundige plaatsvindt om vast te stellen dat er daadwerkelijk sprake is van een probleemsituatie met een wolf, een probleemwolf of van een situatie waarin het vangen van de wolf met het oog op zenderen of overbrenging naar een ander gebied is aangewezen.”

‘Wolvendeskundige’ wordt nergens gedefinieerd, het is dan ook geen beschermd ‘beroep’. *“Het is aan gedeputeerde staten om als onderdeel van de vergunningvoorschriften nadere eisen stellen aan de in te schakelen deskundige,” zegt Rummenie.
In de zaak van wolf ‘Bram’ trachtte de Zoogdiervereniging ‘wolvenexpert’ te definiëren als iedereen die door de Zoogdiervereniging als zodanig erkend wordt. De provincies zullen het definiëren als: diegene die onze wensen omzet in gelijkluidend advies.

We weten sinds de Veluwse wolf Hubertus dat je EcoNatura van Erwin van Maanen altijd kan bellen als je afschot wil; wil je zenderen, dan bel je Glenn Lelieveld van Averti Ecologie of de Zoogdiervereniging.

Staat van instandhouding

Het Verdrag van Bern schrijft in artikel 7 voor dat iedere partij bij het verdrag passende en noodzakelijke maatregelen in de vorm van wetten en voorschriften neemt ter bescherming van de in het wild voorkomende diersoorten, genoemd in bijlage III bij dat verdrag. De wolf behoort tot de op bijlage III genoemde soorten.

Naast de beschermde status van de wolf is een ander probleem voor Rummenie’s moordplannen de ongunstige staat van instandhouding van de wolf, omdat dit een van de criteria is waaraan getoetst wordt bij de verlening van een omgevingsvergunning voor een flora- en fauna-activiteit voor het doden of vangen van wolven.

”De staat van instandhouding van de wolf in Nederland is nog niet vastgesteld”, staat in de ‘Nota van toelichting’, al hebben diverse rechters uitgesproken dat deze ongunstig is.

Het doel van een onderzoek door Wageningen University & Research, de samenwerking met omringende landen en het bedelen om maatwerk voor Nederland bij de Europese Commissie, is het herdefiniëren van ‘gunstige staat van instandhouding’ om het doel van het afschieten van wolven dichterbij te brengen.
Daar staan nog wel wat uitspraken van het Europese Hof van Justitie in de weg.

Het arrest van het Hof van Justitie van de Europese Unie van 29 juli 2024 in een prejudiciële procedure over wetgeving in Spanje met betrekking tot de wolf, overweegt het Hof:
”Wanneer een diersoort zich in een ongunstige staat van instandhouding bevindt (…) moeten de bevoegde autoriteiten (…) maatregelen in de zin van artikel 14 van de habitatrichtlijn nemen om de staat van instandhouding van de betrokken soort zodanig te verbeteren dat de populaties ervan in de toekomst een duurzame gunstige staat van instandhouding bereiken.”
Bij gebrek aan kennis over de staat van instandhouding of de gevolgen van het onttrekken van de wolf aan de natuur geldt het voorzorgsbeginsel:
”Uit het voorgaande volgt dat maatregelen ter bescherming van een soort, zoals de beperking of het verbod op de jacht, noodzakelijk kunnen worden geacht wanneer er op basis van de beste beschikbare wetenschappelijke kennis onzekerheid bestaat over de risico’s voor het behoud van een gunstige staat van instandhouding van die soort.”

Rummenies definitie van ‘probleemwolf’

Rummenie wil het gemak waarmee vergunningen kunnen worden afgegeven voor het afschot van wolven verder vergroten door de beoordelingsregels voor omgevingsvergunningen voor een flora- en fauna-activiteit in afdeling 8.6 van het Bkl aan te vullen met specifieke regels voor het geval sprake is van een ‘probleemwolf’.

Tegelijkertijd wil hij het makkelijker maken om vergunningen af te geven ”voor het vangen van een wolf indien dat vangen is bedoeld voor het zenderen van een wolf om deze te kunnen volgen, of voor het overbrengen van een wolf naar een ander gebied,” in het geval van een ‘probleemsituatie’.

Dit komt er in de algemene maatregel van bestuur (amvb) te staan:

Er is sprake van een probleemwolf als een of meer van de volgende situaties zich hebben voorgedaan:
a. pogingen tot aversieve conditionering van de wolf hebben geen resultaat gehad of aversieve conditionering is niet praktisch uitvoerbaar gebleken na het zich voordoen van een of meer van de volgende probleemsituaties:
1°. de wolf is ten minste twee keer waargenomen op minder dan 30 meter van bewoonde huizen in hetzelfde gebied gedurende een periode van minder dan twee weken,
2°. de wolf heeft ten minste twee keer getolereerd dat mensen naderen tot minder dan 30 meter,
3°. de wolf heeft zelf ten minste twee keer mensen binnen 30 meter benaderd en lijkt geïnteresseerd in mensen,
4°. de wolf heeft ten minste twee keer aangelijnde honden benaderd,
5°. de wolf is ten minste twee keer waargenomen op minder dan 30 meter van bewoonde huizen waar zich honden bevinden, met een tussenliggende periode van minder dan twee weken,
6°. de wolf heeft ten minste twee keer honden op erven of in tuinen bij bebouwing gedood,
7°. de wolf heeft honden gedood die niet waren aangelijnd en die zich niet in de directe nabijheid van mensen bevonden;
8°. de wolf heeft ten minste twee keer binnen twee weken dezelfde schaapskudde aangevallen die onder bescherming van een herder staat;
b. de wolf reageert actief agressief op mensen bij verstoring en valt mensen aan, en daaropvolgende pogingen tot aversieve conditionering hebben geen resultaat gehad of aversieve conditionering was praktisch niet uitvoerbaar;
c. de wolf reageert agressief op mensen, ook zonder te zijn verstoord of uitgedaagd, valt mensen aan of doodt een mens;
d. de wolf heeft in een gemeente of in een aangrenzende gemeente binnen twee weken ten minste twee keer vee aangevallen dat zich bevindt in een stal of dat wordt beschermd door een raster, welke stal of raster voldoen aan artikel 1.6, derde lid, van het Besluit houders van dieren.

Een probleemsituatie is een situatie als bedoeld in het tweede lid, onder a, onder 1° tot en met 8°.

Goudjakhals

Ook de inmiddels in Nederland aanwezige Goudjakhals komt onder het ”basale beschermingsregime” van artikel 11.54 van het Bal vallen. ”Provincies hebben gevraagd de goudjakhals als beschermde diersoort in de Nederlandse wetgeving op te nemen om zo een formele wettelijke basis te hebben om bij schade door de goudjakhals tot schadevergoeding over te kunnen gaan.” De provincies hebben geen enkele boodschap aan de bescherming van dieren; het gaat hen er om dat de subsidietrog waaruit de veeboeren schransen gevuld blijft.
”De goudjakhals staat op bijlage V van de Habitatrichtlijn, maar was als ‘nieuwkomer’ nog niet opgenomen op bijlage IX bij het Besluit activiteiten leefomgeving.” Met de amvb wordt de goudjakhals aan bijlage IX toegevoegd.

Update 1 – Ontwerpbesluit

Op 6 juni 2025 wordt via aanbiedingsbrieven de algemene maatregel van bestuur (AMvB) over de definitie van probleemwolf en over de nationale bescherming van wolf en goudjakhals bij beide Kamers van het Parlement ‘voorgehangen’. 2 Voorhang is een controleprocedure en de volgende stap in de totstandkoming van de AMvB. Ontwerpbesluiten worden aan de Kamers der Staten-Generaal voorgelegd, nadat ze zijn opgesteld en goedbevonden door de ministerraad, maar vóór advisering door de Raad van State. De Kamers kunnen dan nog wijzigingen aanbrengen. De periode duurt 4 weken. Deze periode van ‘voorhang’ bij beide Kamers gaat in op 10 juni en eindigt op 8 juli 2025.

Na de voorhang zullen de concept-AMvB naar de Raad van State worden verzonden voor advies. De Raad van State zal om een spoedbehandeling worden verzocht. Separaat aan de voorhang zal een Nota van antwoord worden opgesteld als reactie op de internetconsultatie.
Demissionair BBB-staatssecretaris Rummenie van LVVN heeft haast, want door de val van het kabinet komt zijn ‘nalatenschap’ van de wolveninquisitie in gevaar.

Vooral de ‘Nota van toelichting’ laat zien dat Rummenie het zo eenvoudig mogelijk wil maken om wolven af te schieten. Het ‘eigen-soort-eerst’-denken van Rummenie is van een kortzichtige, simplistische, banale kwaadaardigheid:

”Nederland is een dichtbevolkt land, wat betekent dat er manieren moeten worden gevonden om te zorgen dat mensen en hun huisdieren en vee veilig kunnen leven en werken, zoveel mogelijk zonder angst voor wolven en zonder aanvallen door wolven.”

”Maar ook, en nog belangrijker, dat de toename van wolven en hun groeiende verspreidingsgebied steeds groter wordende sociaaleconomische uitdagingen meebrengt. Dat vraagt om mogelijkheden om meer maatregelen tegen wolven te nemen.”

”Die specifieke aanvullende regels strekken ertoe het bevoegde gezag – gedeputeerde staten van de provincie – betere handvatten te bieden om een omgevingsvergunning te verlenen voor het doden van ‘probleemwolven’. Het gaat bij ‘probleemwolven’ om nauwkeurig in het Bkl omschreven gevallen. Bij ‘probleemwolven’ is de dreiging voor mensen en gehouden dieren nog ernstiger dan in de gevallen die worden aangemerkt als ‘probleemsituatie met een wolf’. Het gaat onder meer om situaties waarbij zich meermaals een probleemsituatie heeft voorgedaan, en vervolgens aversieve conditionering niet heeft gewerkt of niet mogelijk is gebleken.”

”Ook wordt het door de aanvullende specifieke beoordelingsregels met betrekking tot wolven eenvoudiger om in het kader van het voorkomen of aanpakken van een probleemsituatie met een wolf, een omgevingsvergunning voor een flora- en fauna-activiteit te verlenen voor het vangen van een wolf indien dat vangen is bedoeld voor het zenderen van een wolf om deze te kunnen volgen, of voor het overbrengen van een wolf naar een ander gebied.”

”De omgevingsvergunning voor een flora- en fauna-activiteit ten behoeve van het doden van probleemwolven of het vangen van wolven hoeft niet per geval te worden verleend, maar kan voor een langere periode worden verleend aan één of meer daarvoor door gedeputeerde staten aangewezen personen met specifieke kennis van en vaardigheid met de uitvoering van handelingen met betrekking tot wolven.”

”Bij een probleemsituatie met een wolf zal – door de beperktere bescherming van artikel 11.54 van het Bal – zonder omgevingsvergunning voor een flora- en fauna-activiteit verjaging of verstoring van een wolf kunnen plaatsvinden.”

Het is duidelijk waar de focus en wensen van Rummenie liggen:
– de beschermde status van de wolf moest omlaag,
– de vergunningverlening moet makkelijker en sneller,
– een landelijk deskundigenteam moet uit ja-knikkers bestaan en de landbouw moet er in vertegenwoordigd zijn,
– een wolf en zijn of haar gedrag moeten snel in de categorie ‘probleem’ vallen,
– het moet makkelijke worden om te handelen vanuit openbare orde- en veiligheidsperspectief,
– de staat van instandhouding van de wolf moet links om of rechtsom als gunstig worden beoordeeld,
– ook de Noordwest-Europese Wolvensamenwerking heeft als voornaamste doel om tot dat oordeel te komen,
– het aanmelden van leefgebieden van de wolf als Natura 2000-gebied bij de Europese Commissie gaat Rummenie zolang mogelijk vertragen, tot 2029,
– daarnaast gaat Rummenie bij de Europese Commissie ook nog bedelen om maatwerk voor Nederland: ”Voor alle bovenstaande acties is Nederland gebonden aan de Habitatrichtlijn en het Verdrag van Bern. Deze regels worden door het kabinet ervaren als knellend en niet passend bij de Nederlandse situatie, als klein en dichtbevolkt land. Daarom wordt in Brussel gepleit voor meer mogelijkheden voor maatwerk.”

Over alle andere aangekondigde maatregelen van zijn ‘Landelijke aanpak’ – Landelijk Team Veebescherming, Europese fondsen, Invulling open norm Besluit houders van dieren, Instelling Landelijk Informatiepunt Wolf – blijft Rummenie uiterst vaag. Die hebben zijn interesse ook niet, afschot moet de norm worden.

Update 2 – Controversieel verklaren?

Mogelijk komt er toch nog een kink in de kabel voor Rummenies satanische plannen.

18 Juni 2025 (11:15 – 12:45) vindt er een ‘Extra procedurevergadering commissie LVVN (groslijst controversieel verklaren)’ plaats. 3 De ‘groslijst’ bevat alle bij de Commissie Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur aanhangige wetsvoorstellen (inclusief initiatiefwetsvoorstellen), notities en brieven van de regering, en initiatiefnota’s, ten behoeve van het eventueel ‘controversieel verklaren’ van zaken.

De commissie kan aan de plenaire vergadering voorstellen om een of meer zaken uit deze lijst niet verder te behandelen met het demissionaire kabinet. Over het al dan niet controversieel verklaren van een zaak wordt op basis van een gewone meerderheid beslist.

Nadat de commissie heeft bepaald welke zaken volgens haar als controversieel moeten worden aangemerkt, worden deze op een verzamellijst geplaatst, die plenair (= voltallig) zal worden behandeld.

Update 3 – Kamerbrief

In een Brief aan de Kamer van 17 juni 4 is Rummenie vooral bezig zichzelf op de borst te kloppen, maar als je verder kijkt, blijft het gewoon de haat-agenda van BBB zonder veel inhoud.

Het ‘landelijk team veebescherming’ komt er niet. De provincies hebben liever individueel geld om “pilots en initiatieven te steunen.” Het ‘team’ wordt een veel slapper ‘initiatief’: ”Gezien deze invulling van het beschermen van vee is gekozen voor de aangepaste benaming Landelijk Initiatief Veebescherming.”

Er wordt nog steeds ”onderzoek” gedaan naar Europese fondsen, maar er is nog niets.

Het Landelijke Informatiepunt Wolf (LIW) zou na het zomerreces open moeten gaan; we zijn benieuwd.

Ook met betrekking tot het ‘versnellen van vergunningverlening’ komt Rummenie niet verder dan: ”het uitwisselen van kennis en ervaring die is opgedaan in de reeds gedane (pogingen tot) vergunningverlening voor maatregelen.”

Bij het onderwerp ‘Mogelijkheden tot maatregelen vanuit veiligheidsperspectief’ trekt Rummenie ook zijn keutel weer in: ”Echter, de motie van de leden Van der Plas en Van Campen die het kabinet verzoekt te onderzoeken hoe de Gemeentewet en de Politiewet aangepast kunnen worden om burgemeesters meer handelingsmogelijkheden te geven bij probleemwolven, naar bijvoorbeeld Fins voorbeeld, (Kamerstuk 33 576, nr. 422) is door uw Kamer niet aangenomen. Dit geeft aanleiding om te veronderstellen dat er geen parlementaire meerderheid is voor een dergelijke aanpassing van Gemeentewet en Politiewet.”
En: ”J&V en BZK hebben ambtelijk aangegeven geen ruimte te zien om burgemeesters meer mogelijkheden te geven om op te treden bij incidenten met wolven; het Handelingsperspectief kan uitsluitend zo kan worden gelezen dat een burgemeester in acute noodsituaties tot afschot kan besluiten. Het Nederlands Genootschap van Burgemeesters heeft via de ministeries van J&V en BZK aangegeven geen behoefte te hebben aan wetswijziging;”

Ook het verkwanselen van tienduizenden euro’s aan belastinggeld voor een snoepreisje – werkbezoek – naar Finland door een ”een ambtelijke delegatie van LVVN samen met vertegenwoordigers van de provincies Gelderland en Friesland en ambtelijke delegaties van de provincies Zuid-Holland en Drenthe,” leverde vanzelfsprekend niets op: ”Om dit stelsel aan te passen zijn ingrijpende wetswijzigingen nodig van zowel de Politie- als de Gemeentewet. Deze eventuele wetswijzigingen zouden een periode van meerdere jaren in beslag nemen en hier is gelet op de urgentie van de wolvenproblematiek op korte termijn geen tijd en ruimte voor.”

Rummenie houdt verder een heel betoog over het zenderen van wolven in alle roedels in Nederland en ook daar komt niets concreets uit.

Update 4

Ook in een gehaaste brief, 5 zo lijkt het, aan de Kamers, slaagt Rummenie er niet in om duidelijk te maken wat nu de beschermingsstatus is van de wolf in de overgangsperiode tussen de datum van inwerkingtreding van de verlaagde beschermde status onder de Habitatrichtlijn (14 juli 2025) en het moment van inwerkingtreding van het besluit waarmee deze verlaagde beschermde status wordt geïmplementeerd in nationale regelgeving:


“Gedurende deze overgangsperiode is de wolf beschermd onder de Omgevingswet via de specifieke zorgplicht van artikel 11.27 van het Bal. Uitgangspunt hiervan is dat handelingen met nadelige gevolgen voor in het wild levende dieren achterwege worden gelaten. Enkel indien het achterwege laten van de handeling redelijkerwijs niet kan worden gevergd, kan de handeling toch verricht worden, zo regelt dit artikel. Hierbij dienen dan wel alle noodzakelijke maatregelen te worden genomen die in redelijkheid kunnen worden verwacht om nadelige gevolgen te voorkomen, te beperken of ongedaan te maken. Indien blijkt dat de gevolgen onvoldoende kunnen worden beperkt dient de activiteit achterwege te worden gelaten voor zover dit redelijkerwijs van de initiatiefnemer kan worden gevraagd in het licht van de te beschermen belangen. Dit betekent dat vangen of doden niet zomaar is toegelaten en op een zorgvuldige manier moet gebeuren om nadelige gevolgen voor de wolf te voorkomen. De invulling van een ‘zorgvuldige manier’ zal per geval beoordeeld moeten worden op basis van de specifieke situatie.”

En vervolgens dumpt hij de uitwerking ervan in de schoot van de provincies:
“Voor de provincies is een belangrijke rol weggelegd in de communicatie over de invulling van deze specifieke zorgplicht ten aanzien van de wolf. Zij dienen aan eenieder duidelijk te maken dat het ook in deze overgangsperiode slechts door de provincie hiertoe aangewezen speciale eenheden toegestaan is om over te gaan tot het vangen of doden van een wolf.”

Zelfs Rummenie snapt dat deze situatie verre van ideaal is:
“Het voorgaande neemt niet weg dat de bescherming van de wolf via de in artikel 11.54 van het Bal geregelde vergunningplicht de voorkeur heeft, omdat zo wordt voorzien in een voorafgaande toetsing bij handelingen jegens wolven op basis van een eenduidig beoordelingskader.”

Vervolgens gebruikt Rummenie de door hemzelf gecreëerde situatie om de Kamers onder druk te zetten:
“Een snelle behandeling door uw Kamer is ook belangrijk om de overgangsperiode zo kort mogelijk te houden.”
Schandalig!

Update 5 – Rummenie een halt toegeroepen door de Kamer

Op 11 september 2025 werd tijdens de procedurevergadering 6 van de Kamercommissie van Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur gestemd over het al dan niet controversieel verklaren van agendapunten. Dit om te voorkomen dat het onbekwame BBB-duo dat dit ministerie bestiert nog meer schade aanricht aan de Nederlandse natuur.

Agendapunt 42 ‘Proces ten aanzien van het ontwerpbesluit tot wijziging van het Besluit activiteiten leefomgeving en van het Besluit kwaliteit leefomgeving (bescherming wolf en goudjakhals)’ en agendapunt 45 ‘Stand van zaken verlaging beschermde status van de wolf in de Habitatrichtlijn, subsidies wolfwerende maatregelen en moties over prooidieren wolf’ werden daarbij controversieel verklaard.

Dat geldt ook voor agendapunt 46 ‘Voortgang stelselwijziging jacht en faunabeheer’.

De controversieel verklaring geldt in ieder geval tot het aantreden van de nieuwe Tweede Kamer op donderdag 6 november. In de nieuwe samenstelling kan besloten worden dossiers weer van de lijst met controversiële onderwerpen te halen.

In dit geval is uitstel winst.

Update 6 – Rummenie teruggefloten door Raad van State

De Afdeling advisering van de Raad van State heeft op 10 september 2025 het advies over het ontwerpbesluit over de bescherming van de wolf vastgesteld. Het advies is op 15 september 2025 op de website gepubliceerd.

De Afdeling adviseert de regering het ontwerpbesluit niet te nemen, tenzij het wordt aangepast. Rummenie wordt teruggefloten omdat het vermoorden van wolven te makkelijk wil maken. Ook is het huidige recht al toereikend en is de inquisitie van Rummenie overbodig.

”De Afdeling advisering heeft geen opmerkingen over de implementatie van de gewijzigde beschermingsstatus van de wolf en de nieuwe beschermingsstatus van de goudjakhals. Wel heeft de Afdeling advisering opmerkingen over de verhouding tussen de voorgestelde beoordelingsregels en de Habitatrichtlijn, en over de geschiktheid van de regels om het beoogde doel te bereiken.”

”Aangezien een onderzoeksrapport over de staat van instandhouding van de wolf in Nederland ontbreekt, is een ongunstige staat van instandhouding op dit moment het uitgangspunt. Bij een ongunstige staat van instandhouding mag een wolf alleen in uitzonderlijke omstandigheden worden gevangen of gedood. Deze uitzondering is beperkt tot gevallen waarin de gevolgen van de maatregel voor de staat van instandhouding van de wolf als beschermde diersoort neutraal zijn. Tegen deze achtergrond zijn de voorgestelde beoordelingsregels op dit moment te ruim. De in het ontwerpbesluit genoemde omstandigheden die aanleiding kunnen zijn voor het vangen of doden van een wolf verschillen sterk naar aard en ernst. Vanwege het uitgangspunt van een ongunstige staat van instandhouding biedt de Habitatrichtlijn alleen ruimte voor het vangen of doden van een wolf in de meest ernstige situaties. De Afdeling adviseert de voorgestelde beoordelingsregels hierop aan te passen.”

”In de toelichting bij het ontwerpbesluit wordt niet duidelijk op welke punten het huidige recht in combinatie met het beleid over probleemwolven en probleemsituaties niet toereikend zijn en hoe de voorgestelde regels dat oplossen. Verder maakt de Afdeling advisering opmerkingen over het voorgestelde systeem van ‘koepelvergunningen’. Daarmee wordt het mogelijk om op voorhand vergunningen te verlenen voor het vangen of doden van wolven zonder dat bij de vergunningverlening duidelijk is of aan alle drie de bestaande wettelijke vereisten is voldaan. De Afdeling adviseert, mede gezien het huidige uitgangspunt over de staat van instandhouding van de wolf, geen gebruik te maken van koepelvergunningen, maar alleen van individuele vergunningen.”

Update 7 – Gunstige Staat van Instandhouding pas bij 50+ roedels; opnieuw deksel op de neus voor Rummenie

Op grond van artikel 17 van de Habitatrichtlijn moeten lidstaten van de Europese Unie om de zes jaar rapporteren over de staat van instandhouding (SvI) van de soorten en habitattypen van Bijlage II, IV en V van de Habitatrichtlijn. Om een oordeel te vellen over de verschillende aspecten van de SvI zijn gunstige referentiewaarden nodig, Favourable Reference Values (FRV’s). Deze zijn nog niet eerder bepaald voor de wolf in Nederland.

Wolveninquisiteur Jean Rummenie (BBB) van het ministerie van Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur (LVVN) heeft het ingrijpen bij incidenten met wolven tot de hoogste prioriteit gemaakt. Onzekerheid over de SvI van de wolf in Nederland staat dat in de weg. Hij heeft daarom Wageningen Environmental Research (WENR) gevraagd om de Favourable Reference Population (FRP) – ofwel de gunstige populatieomvang – en de Favourable Reference Range (FRR) – ofwel het gunstige verspreidingsgebied – te bepalen voor de wolf in Nederland, samen de FRV’s, of gunstige referentiewaarden.7 Zowel een gunstige populatie omvang (FRP) als een gunstig verspreidingsgebied (FRR) zijn nodig om te komen tot FRV’s.

Omdat het niet mogelijk is om binnen Nederland te komen tot de FRV’s van wolven, moet er voor het bereiken van de FRV’s naar de gehele Centraal-Europese wolvenpopulatie worden gekeken in Nederland, Duitsland, Denemarken, België, Tsjechië, Polen, Noord-Frankrijk en Luxemburg.

Voor die Centraal-Europese wolvenpopulatie geldt dat de SvI als gunstig kan worden beoordeeld als die populatie onder meer de gunstige populatieomvang (FRP) van minimaal 500 roedels, met corresponderend gunstig verpreidingsgebied (FRR) kent. 

Nederland moet vervolgens een bijdrage leveren aan een duurzame wolvenpopulatie in Europees verband binnen deze Centraal-Europese populatie.

Potentiële leefgebieden voor de wolf zijn opgedeeld in 4 kwalificaties: leefgebied dat zeker geschikt is, mogelijk leefgebied, met voldoende bos, maar met obstakels zoals wegen en bebouwing, gebieden die op dit moment niet geschikt zijn, maar dat kunnen worden als het huidige bos- en natuurareaal zou uitbreiden en ongeschikte gebieden.

Volgens de leidraad van Linnell & Boitani (2025) zou Nederland, als klein tot middelgroot land, in ieder geval een Minimum Viable Population (MVP) en zo mogelijk een effectieve populatiegrootte – het aantal individuen dat bijdraagt aan de reproductie binnen een populatie – van meer dan 50 roedels moeten herbergen.

Volgens een modelstudie kan Nederland een bijdrage leveren aan de Centraal-Europese populatie met een gunstige populatieomvang voor de lidstaat (FRPms) van 23-56 roedels. 23 roedels is een streng scenario, 56 een soepel. De recente uitbreiding van wolven naar de Utrechtse Heuvelrug wijst op het soepele scenario en dus 50+ roedels in Nederland.

Dit komt Rummenie slecht uit. Hij wil het afschieten van wolven juist vereenvoudigen. Rummenie zegt in de Kamerbrief, als ware wetenschapsontkenner, dat de resultaten van het onderzoek theoretisch zijn ”en voor mij niet bruikbaar”.
”Ik maak mij ernstige zorgen over de aanwezigheid van wolven in Nederland. De veiligheid en het welzijn van mensen en dieren, staan wat mij betreft altijd voorop.” Rummenie gaat dus opzoek naar de bevestiging (confirmatie bias) van zijn eigen verwrongen ideeën en plakt er nog een onderzoekje aan vast, of twee of drie, net zolang tot iemand genegen is deze populistische nar te vertellen wat hij wil horen.

Gelukkig moet Rummenie spoedig het veld ruimen en is de Europese habitatrichtlijn streng: zolang die goede staat van instandhouding nog niet is bereikt, dus rond de vijftig roedels zit, lijkt beheer door jagers uitgesloten.

Bij nu.nl 8 reageert de universiteit:
“Rummenie zet het publiek op het verkeerde been door te suggereren dat de WUR zijn opdracht niet goed heeft uitgevoerd. Hij weet heel goed welke opdracht hij heeft gegeven.”

“Het verwijt dat wij dat hebben nagelaten is niet alleen onjuist, maar ook misleidend. De feiten zijn glashelder: de staat van instandhouding is een ecologisch begrip en we hebben precies gedaan wat ons is gevraagd.”

“Dat de conclusies de staatssecretaris niet goed uitkomen, maakt ze niet minder waar. Het moet klip en klaar zijn dat we ons gewoon aan zijn opdracht hebben gehouden.”

“Het is raar als je ons iets verwijt dat je zelf hebt nagelaten. Het echte probleem ligt niet bij de wetenschap, maar bij de manier waarop wordt omgegaan met onwelgevallige feiten.”

Update 8 – Rummenie negeert advies van zijn ambtenaren, maar moet toch steeds verder inbinden

Op 8 oktober bracht staatssecretaris Jean Rummenie op uitnodiging van de provincie Gelderland en een aantal Gelderse gemeenten een ‘werkbezoek’ aan de schaapskooi Epe-Heerde. Hij deed dit naar aanleiding van de jankbrief van 22 Veluwse en 4 Midden-Gelderse burgemeesters over de toegenomen aanwezigheid van wolven in de regio.

De BBB gebruikt vervolgens de nieuwspagina van de Rijksoverheid 9 om bij monde van stas Rummenie en Gelders gedeputeerde Zoet hun wolvenhaat verder te verspreiden.

”Burgemeesters en de gedeputeerde benadrukten nogmaals het dringende belang dat zij meer bevoegdheden en duidelijke kaders krijgen om bij gevaar in te kunnen grijpen.”

Rummenie: “Het toenemend aantal wolvenincidenten is alarmerend. Ik deel de zorgen van burgemeesters en ondernemers hierover. In een klein en dichtbevolkt land als Nederland is maar beperkt ruimte voor de wolf. Daarom is goed beleid essentieel. We doen er alles aan om incidenten te voorkomen, en als ze zich toch voordoen wil ik dat bestuurders snel en daadkrachtig kunnen optreden.”

Zoet: “Ik maak mij ernstig zorgen over de veiligheid. Uit recente cijfers van Bij12 en de Faunabeheereenheid Gelderland blijkt dat het aantal wolven op de Veluwe steeds verder groeit. Meer incidenten kunnen dan niet uitblijven. Ik onderschrijf dan ook de roep van de burgemeesters om meer bevoegdheden om snel en accuraat te kunnen ingrijpen.” 

Twee dagen na het bezoek, op 10 oktober, komt Rummenie met een ‘Nota van Antwoord op de internetconsultatiereacties op het ontwerpbesluit m.b.t. de bescherming van de wolf en goudjakhals en appreciatie van het advies van de Raad van State’.

Ambtelijk zijn aan Rummenie twee opties voorgelegd voor een appreciatie van het advies van de Raad van State, met een weging van de risico’s van iedere optie. Rummenie werd door zijn ambtenaren geadviseerd om voor optie I te kiezen, maar hij koos – BBB-voorspelbaarheid – voor optie II.10

Optie I was om de algemene maatregel van bestuur (amvb) te beperken tot het voldoen aan de EU verplichtingen, te weten de implementatie van het feit dat de wolf van bijlage IV naar bijlage V van de Habitatrichtlijn is verplaatst, met bijbehorend beschermingsregime.

De tweede optie was om de amvb grotendeels ongewijzigd door te zetten, te weten met een zo goed mogelijke verdere onderbouwing van de definities van probleemwolf en probleemsituatie. De ambtenaren merken daarbij op dat Rummenie is gewezen op de (juridische) risico’s van deze benadering, onder meer dat met deze tweede optie niet aan de kern van de kritiek van de Raad van State tegemoet wordt gekomen.

”De kern van die kritiek heeft betrekking op de meerwaarde en (de juridische) houdbaarheid van het specifieke beoordelingskader gekoppeld aan de definities van probleemwolf en probleemsituatie.”
Rummenie’s ambitieuze anti-wolf plannen zijn inmiddels zover gereduceerd dat ze nauwelijks nog te onderscheiden zijn van de bestaande praktijk. Rummenie acteert alleen nog voor de bühne.

Rummenie moet zelfs bij optie II zijn plan van ‘koepelvergunningen’ laten varen:
”De Afdeling uitte in haar advies zorgen over de constructie van een koepelvergunning: één vergunning die voor meerdere toekomstige incidenten met probleemwolven en in probleemsituaties zou kunnen worden ingezet.
Overeenkomstig het advies van de Afdeling ben ik voornemens de mogelijkheid voor het verlenen van een koepelvergunning uit het ontwerpbesluit te schrappen, zodat te allen tijde, bij elk individueel geval, Gedeputeerde Staten – op basis van adviezen van deskundigen – zèlf de afweging zullen maken of sprake is van een situatie waarin het doden of tijdelijk vangen van een wolf aangewezen is.
Vergunningverlening blijft daarmee – net als nu – alleen voor individuele gevallen mogelijk.”

Ook zijn eerdere standpunt dat ‘probleemwolven’ altijd geëxecuteerd dienen te worden, moet Rummenie afschalen:
”Voorts ben ik voornemens om – conform het advies van de Afdeling – in het artikel met de specifieke beoordelingsregels beter tot uitdrukking te brengen dat deze regels ruimte laten voor een aanvullende beoordeling door het bevoegd gezag – Gedeputeerde Staten – in concrete situaties, op basis van de aan de orde zijnde specifieke omstandigheden. Dit betreft de beoordeling ten aanzien van de vraag of er andere bevredigende oplossingen bestaan dan doden of vangen, en of doden of vangen gerechtvaardigd is op grond van de openbare veiligheid en volksgezondheid.”
Dat komt er feitelijk op neer dat de rechtbanken de drieste anti-wolf besluiten van provincies – Gedeputeerde Staten – iedere keer opnieuw weer zullen beoordelen op noodzaak, andere bevredigende oplossingen en de staat van instandhouding, zoals ook nu het geval is.

De ‘bezorgde’ burgemeesters die Rummenie op 8 oktober bezocht, krijgen in deze nota te horen dat ze niet veel meer bevoegdheden hebben dan gebieden afsluiten waar dat gewenst is:
”Ook zal de verhouding van de voorgestelde beoordelingsregels en de inzet van bevoegdheden in het kader van openbare orde en veiligheid van de burgemeester en politie nader worden gemotiveerd. Beter zal worden benadrukt dat de bevoegdheid voor vergunningverlening voor afschot van een probleemwolf door Gedeputeerden Staten en de bevoegdheden van burgemeester en politie op het vlak van openbare orde en veiligheid duidelijk te onderscheiden zijn. In het kader van incidentenbestrijding, op het moment dat nog geen afschot van de probleemwolf heeft plaatsgevonden en dus maatregelen – zoals het sluiten van een gebied – met het oog op de veiligheid moet plaatsvinden, zijn beide wel relevant.”

In de nota zelf 11 komt onder andere het probleem van Rummenie’s definitie van ‘probleemwolf aan de orde:
”De in het ontwerpbesluit beschreven situaties waarin sprake is van een probleemwolf kunnen volgens diverse reacties worden geïnterpreteerd als uitingen van natuurlijk wolvengedrag dat door mensen als ongewenst, onprettig of bedreigend ervaren kan worden. Volgens de inbrengers zijn de vastgestelde criteria voor een probleemwolf ecologisch gezien vaak niet relevant en er zou dan volgens hen ook te makkelijk worden uitgegaan van het feit dat gevoelde dreiging ook een feitelijk gevaar vormt. Hierdoor zou elke wolf in Nederland volgens de indieners ten onrechte grote kans lopen om als probleemwolf te worden aangemerkt. In enkele reacties wordt daarnaast aangegeven dat de onduidelijke definitie gebruikt kan worden om uitlokking in te zetten om van wolven af te komen.”
Dat laatste is precies wat Gelderland poogt te doen met de ‘springende wolf’ uit Voorthuizen.

Lees ook: ANIMAL RIGHTS ZAL BEZWAAR MAKEN TEGEN MOGELIJKE VERGUNNING OM EEN SCHAPEN-DODENDE WOLF AF TE MAKEN

Ook de moeilijkheid van de identificatie van individuele wolven komt aan bod:
”In de definitie van een probleemwolf of een probleemsituatie met een wolf ontbreekt het vereiste dat het om een aantoonbaar en individueel aanwijsbare wolf moet gaan. Hierdoor ontstaat volgens de indieners van deze reacties ruimte voor een brede interpretatie, zonder zekerheid dat maatregelen daadwerkelijk gericht zijn op het juiste dier. Er ontbreekt ook een omschrijving van, of verwijzing naar een methodiek om individuele wolven te kunnen aanwijzen als probleemwolf, zoals DNA-methodieken, zo wordt in reacties gesteld. In de reacties wordt tevens naar voren gebracht dat niet duidelijk is wie zou moeten constateren dat het gaat om dezelfde wolf.”

Ook het gebruik van de zelfverklaarde wolvenexperts wordt aangestipt:
”In een aantal reacties worden zorgen geuit over het ontbreken van kwalificatie-eisen voor wolvendeskundigen, waardoor het risico zou kunnen ontstaan dat personen zonder adequate expertise beslissingen nemen over probleemwolven. Hierdoor is volgens de reacties niet geborgd dat besluiten over het doden of vangen van wolven daadwerkelijk gebaseerd zijn op de best beschikbare wetenschappelijke kennis en objectieve praktijkervaringen. Dit vergroot volgens hen het risico op willekeur en ondermijnt de zorgvuldigheid van het besluitvormingsproces.”

Rummenie heeft op geen van de punten een gemotiveerd antwoord.

Update 9 – Telegraafgelul

Demissionair LVVN staatssecretaris en boerenmarionet Jean Rummenie gaat de strijd aan met zijn BBB-collega Wiersma, demissionair minister op hetzelfde departement, voor de titel ‘meest incompetente bewindspersoon uit de recente Nederlandse parlementaire geschiedenis’.  

Het Dunning-Kruger-effect – een cognitieve bias waarbij mensen met weinig kennis of vaardigheid op bepaald gebied hun eigen competentie overschatten, omdat ze niet over de nodige expertise beschikken om hun eigen onkunde te herkennen – kan nog een excuus zijn voor dat gebrek aan zelfreflectie.

Dat excuus is er niet voor de pure kwaadaardigheid die hij tentoonspreidt in de vorm van angstzaaien, demoniseren, liegen, bedriegen en politiek en juridisch gesjoemel om de wolf maximaal te kunnen vervolgen.

Op 12 december 2025 laat Rummenie zich opnieuw van zijn slechtste kant – zijn enige zichtbare kant – zien “in een exclusief interview met De Telegraaf.” 12

“Het is niet meer de vraag óf, maar wanneer er een fataal incident tussen wolf en mens ontstaat,” verklaart deze demagoog in het artikel. 

“We hebben al weinig recreatiemogelijkheden in dit land. Het zou toch heel vreemd zijn dat wij tegen onze mensen zeggen: ga maar niet wandelen vanwege de wolf. Dat vind ik absoluut onacceptabel,” verwoordt hij zijn menselijk superioriteitsdenken. ‘Eigen soort eerst!’, zou het moto van de BBB kunnen zijn.

Schaamteloos gaat hij verder: “… in Zweden en Finland zijn eerder maatregelen genomen om de Sami-rendieren te beschermen. Dat mag dus wél allemaal onder dezelfde Habitatrichtlijn. Bij ons gaat het niet om rendieren, maar om kinderen.”

Rummenie heeft een trucje bedacht (waarschijnlijk een van zijn ambtenaren): “Ons land is aangemerkt in een advies aan de Europese Commissie als ’middelgroot’ land, maar als je naar de definitie kijkt die in een internationale studie wordt gehanteerd, zou je ons ook kunnen inschalen als ’klein’ land, afgaande op ons landoppervlak van 33.000 vierkante kilometer. En voor kleine landen geldt slechts een ’inspanningsverplichting’ om de wolf te beschermen. Maar omdat wij nu als ’middelgroot’ zijn aangemerkt, zou een derde van ons landschap geschikt moeten zijn voor de wolf. Ik heb daar mijn grote twijfels bij”. 

Wil de BBB dan ook een ‘klein land’ worden op het gebied van veedichtheid, mestproductie, stikstofuitstoot?

Het is overigens onwaarschijnlijk dat Rummenie begrijpt wat een ‘inspanningsverplichting’ inhoudt.

Hij veegt vervolgens nog even zijn eigen straatje schoon en probeert de volksvertegenwoordiging te intimideren: “Ik ben er heel erg bang voor dat het binnenkort misgaat. Ik heb mijn verantwoordelijkheid gepakt. De maatregelen liggen klaar. Beide Kamers hebben óók een maatschappelijke verantwoordelijkheid om nu snel door te pakken. Trouwens: het gaat al mis. De aanvallen op dieren en mensen nemen toe. Dit is geen houdbare situatie, dat is volstrekt duidelijk.”

Om ter afsluiting nog even zijn volledige gebrek aan kennis over ecologische processen te etaleren: “Daardoor groeit de populatie ongecontroleerd en nemen incidenten snel toe. Omdat er geen natuurlijke predator is die de wolf in toom houdt, is er een ongebreidelde toename. Net als bij andere diersoorten moet actief beheer plaatsvinden.”

Bij zowel Rummenie als Wiersma denk je iedere keer opnieuw: het kan niet dommer, het kan niet achterbakser, het kan niet destructiever, en verdomd, iedere keer opnieuw weten ze zich zelf in simplisme en kwaadaardigheid te overtreffen.

Update 10 – Rot op Rummenie

Op 30 januari 2026 bleef dubbel-demissionair staatssecretaris Jean Rummenie van LVVN volhardend in zijn obsessies met zogenaamde ‘probleemwolven’. 13 Aan de oproep vanuit de Tweede Kamer om dit over te laten aan het nieuwe kabinet wil hij niet voldoen en de zware kritiek van de Raad van State schuift hij aan de kant. Hij wil de Algemene Maatregel van Bestuur (AMvB) die het vangen en afschieten van ‘probleemwolven’ mogelijk moet maken, binnenkort toch nog voorleggen aan de huidige ministerraad. Wanneer die zou instemmen, volgt publicatie en inwerkingtreding van de AMvB.

Op 4 februari 2026 werd een motie van Partij voor de Dieren Kamerlid Kostic aangenomen met daarin de tekst: “… verzoekt de regering geen verdere stappen te zetten in de voorbereiding of uitvoering van de voorgestelde wijziging van het Ontwerpbesluit houdende wijziging van het Besluit activiteiten leefomgeving en hetBesluit kwaliteit leefomgeving, tot het nieuwe kabinet is aangetreden ende Kamer inzicht heeft kunnen krijgen in het voorgenomen besluit om er vervolgens een definitief oordeel over te vellen …” 14 Het woord ‘wolf’ komt er niet in voor, maar dit gaat over de snode plannen van Rummenie en draagt deze voorlopig naar hun welverdiende graf.

De motie van Van der Plas en Boomsma dat de regering verzoekt “… het gewijzigde ontwerpbesluit zo spoedig mogelijk vast te stellen en in werking te laten treden …” werd daarentegen verworpen, ondanks de ophitsende zinsnede: “constaterende dat de maatschappelijke onrust en veiligheidsproblemen rond wolven toenemen”.

Update 11 – Rummenie blijft wanhopig plannetjes smeden

Demissionair staatssecretaris Rummenie maakte tot enige praktisch onderwerp van zijn termijn de vervolging van wolven om de blinde haat van zijn BBB-achterban te voeden. Tot in de laatste dagen voordat hij de regering uit wordt getrapt, blijft hij samenzweren tegen de wolf. Recent is hij samen met België en Luxemburg bij de Europese Commissie gaan klagen over het feit dat de “dichtbevolkte en dun beboste” Benelux landen aan dezelfde criteria moeten voldoen als de andere EU landen in het vaststellen van een levensvatbare wolvenpopulatie. Rummenie wil graag een uitzonderingspositie. 15 Ook deze laatste wanhoopspoging zal nergens toe leiden.

In zijn hopelijk laatste ministerraad gooide hij nog een laatste emmer kerosine op het vuur van de wolvenhaat: “De situatie is zorgelijk. Ik blijf erbij: het is niet de vraag óf maar wannéér er iets gebeurt”. Gelukkig was Rummenie als staatssecretaris even incompetent als haatdragend en zal het voor zijn opvolger niet moeilijk zijn om dit dieptepunt van de Nederlandse politieke geschiedenis te ontstijgen.

Update 12 – Nieuwe staatssecretaris lijkt nog niet veel geleerd te hebben met betrekking tot het wolvendossier

BBB ‘Wolveninquisiteur’ Jean Rummenie is weg. VVD-er Silvio Erkens neemt zijn plek over en is sinds 23 februari 2026 staatssecretaris van Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur in het kabinet-Jetten. Midden maart ging hij op bezoek in Barneveld, hoofdstad in het verzaken van het nemen van maatregelen om buiten gehouden dieren te beschermen tegen wilde, beschermde roofdieren. Erkens begint zijn prille carrière met het doen van beloften waarvan het zeer de vraag is of hij ze waar kan maken: “Er moet meer ruimte komen om af te schrikken en gemeenten moeten eerder kunnen ingrijpen.” 16 Dit is het soort populistische prietpraat waar we de afgelopen jaren aan gewend zijn geraakt. Die ‘voorstellen’ zijn nooit uitgevoerd omdat de Wet daar geen ruimte voor biedt.

Om te voorkomen dat Erkens strandt op de doodlopende weg van zijn voorganger, nodigt Animal Rights de nieuwe staatsecretaris uit voor een gesprek over coëxistentie met wolven en de rest van de natuur en om uit te leggen waarom overheden tot nu toe vrijwel alle rechtszaken over wolven hebben verloren van de natuurbeschermings- en dierenrechtenorganisaties.

Update 13

In reactie op een brief van Werkgroep Wolf Leusden met betrekking tot de voorgenomen AMvB inzake wolvenbeleid komt Silvio P.A. Erkens, Staatssecretaris van Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur, op 1 april 2026 opnieuw met een volstrekt inhoudsloze reactie waar dit soort politici zo ‘goed’ in zijn: “Het afgelopen jaar is door mijn ambtsvoorganger een Algemene Maatregel van Bestuur (AMvB) opgesteld, die de verlaagde beschermingsstatus van de wolf implementeert in nationale regelgeving, en die aanvullende beoordelingsregels opneemt voor de vergunningverlening voor afschot en vangen van een probleemwolf. Mijn ambtsvoorganger heeft hier al veel werk verricht en ik ga hier met hoge prioriteit mee verder. Ik weet dat bijvoorbeeld provincies en gemeentes veel behoefte hebben aan duidelijkheid. Er ligt ook een advies van de Raad van State waar ik recht aan wil doen. Daarnaast wil ik ook nog bezien welke aanscherpingen juridisch mogelijk zijn. Daarom kijk ik op korte termijn nog een keer goed naar de AMvB.” 17

Dan weten we dat ook weer …

Update 14

Met staatssecretaris Silvio Erkens (VVD) op Landbouw hebben we opnieuw een populistische clown op dit departement. De Stentor 18 publiceerde op 24 april 2026 een interview waarin Erskens wordt geciteerd met zinnen als: “Als er een incident met de wolf zou plaatsvinden in het Vondelpark, zou het draagvlak voor de wolf in Amsterdam héél snel afnemen”, “Het valt mij op dat juist mensen in de Randstad zeggen dat het zo leuk is om de wolf in Nederland te hebben”, “Maar ik vind wél dat je in een dichtbevolkt land als Nederland niet té veel wolven moet krijgen. Dus op termijn wil ik ervoor zorgen dat afschot mogelijk is”,“We hebben in Nederland best veel wolven voor een klein land. Ik vind dat er op termijn minder wolven moeten zijn” en “De wolf is een gevaarlijk roofdier”

Het is dezelfde polariserende, haat-zaaiende prietpraat die we de afgelopen jaren hebben moeten aanhoren van het BBB gespuis in de regering, de Kamer en de provincies. Erkens verkondigde vervolgens dezelfde hersenspinsels die Rummenie ook al, zonder succes, aandroeg: wolven verjagen zonder vergunning, makkelijker maken om wolven te beschieten met een paintballgeweer of rubberkogels, een (nieuwe) definitie voor probleemwolf of een probleemsituatie, direct kunnen overgaan tot afschieten, en de samenwerking met omringende landen om afschot makkelijker te maken.

Niets nieuws onder de zon dus, maar meer van hetzelfde populistische geblaat. Natuurlijk moeten al deze luchtballonnetjes nog getoetst worden door de Raad van State. Animal Rights gaat er vanuit dat Erskens net als Rummenie zal worden teruggefloten, zo niet dan zien we elkaar wel weer bij de rechter.

In de Kamerbrief van 24 april 2026 over de ‘Algemene maatregel van bestuur wolven’ 19 20 tracht Erkens de plannen van zijn voorganger Rummenie wat op te schonen en preciseren naar de vernietigende kritiek daarop in het advies van de Raad van State. Erkens slaat echter dezelfde doodlopende weg in. Het op voorhand verlenen van vergunningen is juridisch niet houdbaar. En wie ziet hij dan als ‘wolvendeskundigen’? Rechters hebben al meermaals aangegeven dat ‘iedereen’ in NL blijkbaar wolvendeskundige is. Clubs als Zoogdiervereniging, WenR, Averti en EcoNatura hebben financiële belangen bij opdrachten van de provincies en een afhankelijkheid van de provincies voor toestemming voor onderzoeksprojecten (zoals zenderen). De roep om maatregelen/afschot in BBB provincies als Gelderland en Drenthe is over het algemeen politiek/populistisch gemotiveerd en niet op de feitelijke gebeurtenissen gebaseerd. Bij ‘ernstige incidenten’ lijkt de verantwoordelijkheid van het slachtoffer niet te worden meegewogen. Als de Raad van State haar werk fatsoenlijk uitvoert, kan ook dit nieuwe plan weer in de vuilnisbak.

Update 15 – En weer een advies van de Raad van State

De Afdeling advisering van de Raad van State heeft op 20 mei 2026 haar advies vastgesteld over het ontwerpbesluit ‘Wijziging van het Besluit activiteiten leefomgeving en van het Besluit kwaliteit leefomgeving in verband met de bescherming van de wolf en goudjakhals’. Het advies is op 26 mei 2026 op de website van de Raad van State gepubliceerd. 21 22

Hoewel het woord ‘bescherming’ in de titel van het besluit centraal staat, is het bestuurders als staatssecretaris Silvio Erkens vooral te doen om de mogelijkheden om die bescherming te omzeilen. De staatsecretaris en zijn ambtenaren hebben, na eerder negatief advies van de Raad van State, getracht de definities van ‘probleemwolf’ en ‘probleemsituatie’ verder aan te scherpen. 

De aanpassing houdt vooral een beperking in. Er is een ‘bewijsvermoeden’ noodzakelijk, wat inhoudt dat voor het afgeven van een vergunning wordt vermoed dat:
a. er geen minder schadelijke alternatieven zijn en 
b. sprake is van een rechtvaardigingsgrond vanuit het belang van de volksgezondheid, de openbare veiligheid of het belang van het voorkomen van schade aan veehouderijen.
Eenvoudigweg toepassen van de Habitatrichtlijn en de bijbehorende richtsnoeren dus.

De Afdeling advisering verpakt haar scepsis over de juridische houdbaarheid ervan in een mooie volzin: “De Afdeling advisering constateert in haar advies dat de aangepaste reikwijdte van de beoordelingsregels het risico verkleint dat in een rechterlijke procedure over de toepassing van deze beoordelingsregels op een vergunningaanvraag zal worden geoordeeld dat er strijd is met de Europese Habitatrichtlijn.”

De Raad van State heeft vanzelfsprekend ook gezien dat de zogenaamde wolvenexperts, die de provinciale overheden tot nu toe hebben ingezet om wolven te vervolgen, er een eigen agenda op na houden: “Volgens het ontwerpbesluit is een onafhankelijke wolvendeskundige betrokken bij het oordeel of sprake is van een ‘probleemwolf’ of een ‘probleemsituatie’. De verwachte rol van de wolvendeskundige is op basis van de toelichting bij het ontwerpbesluit onduidelijk. Hetzelfde geldt voor de manier waarop wordt voorzien in de onafhankelijkheid en expertise van de wolvendeskundige.”

Ook de huidige staatsecretaris tracht, net als zijn voorganger en ondanks eerder negatief advies van de Raad van State, Animal Rights, en andere, werkelijke wolvenbeschermers, buiten spel te zetten door het op voorhand verlenen van zogenaamde koepelvergunningen voor het vermoorden van wolven in toekomstige situaties, op te nemen in zijn plannen. Er moet dan een vergunning ‘op de plank’ liggen, “zodat in toekomstige situaties sneller kan worden opgetreden”. Wat men daarmee bedoelt is: zonder dat een dierenrechtenorganisatie als Animal Rights deze executiebevelen kan aanvechten. 

Opnieuw veegt de Afdeling met dit voornemen de vloer aan: “In de toelichting bij het ontwerpbesluit ontbreekt een overtuigende motivering waarom binnen de geldende juridische kaders en voorwaarden het verlenen van een koepelvergunning een passender en sneller middel zou zijn dan een vergunning voor afschot van een individuele probleemwolf. Ook met zo’n individuele vergunning kan snel en adequaat worden opgetreden. Volgens de Afdeling advisering is een nadere toelichting noodzakelijk waarom de koepelvergunning een passend instrument is, hoe dit instrument kan dienen om snel in te grijpen bij incidenten met wolven die letsel aan mensen hebben toegebracht en hoe de koepelvergunning zich op deze punten verhoudt tot het verlenen van individuele vergunningen.”

De staatsecretaris krijgt ook nog een tik op de vingers over het getreuzel met de implementatie van de gewijzigde beschermingsstatus van de wolf:
“Zonder implementatie van de gewijzigde beschermingsstatus is de wolf in Nederland alleen beschermd via de specifieke zorgplicht voor dieren of planten in het wild en niet via het daarvoor bedoelde vergunningensysteem. Dat kan in de (rechts)praktijk tot complicaties leiden, zoals in specifieke gevallen niet-ontvankelijkheid van het beroep bij de bestuursrechter vanwege een ontbrekend procesbelang. Deze implementatie is dan ook urgent en kan zo nodig los van het overige deel van het ontwerpbesluit plaatsvinden.”

Op 26 mei 2026 produceerde Erkens ook nog een ‘Kamerbrief wolvenbeleid 2026’. 23 Animal Rights heeft inmiddels een uitnodiging ontvangen voor het eerste ‘Nationaal Wolvenberaad’, dat daarin wordt aangekondigd.
Erkens laat ook in deze Kamerbrief zien dat al zijn initiatieven – internationale samenwerking, aanvullend onderzoek staat van instandhouding, nog een spoedadvies vraag bij de Raad van State, centrale registratie van wolven die mensen benaderen – zijn gericht op het aanwijzen van ‘probleemwolven’ en uiteindelijk beheer van wolven. Dat maakt Erkens tot de volgende populist op deze post.

We hebben Erkens dus veel te vertellen bij het ‘Wolvenberaad’.

Update 16 – Nationaal Wolvenberaad geannuleerd

Minder dan 48 uur voor aanvang annuleerde het ministerie van LVVN het ‘Nationale Wolvenberaad’. Er is die ochtend een ingelast overleg van de Ministeriële Taskforce Landbouw, Natuur en Stikstof waar de staatssecretaris bij aanwezig moet zijn. Om deze reden wordt het ‘Nationaal Wolvenberaad’ verplaatst naar het najaar.


Animal Rights is niet verbaast; we zijn wel wat gewend van dit ministerie. Wel vroegen we LVVN of dit inhoudt dat de staatssecretaris ook geen onomkeerbare beslissingen gaat nemen op het wolvendossier tot het najaar? Immers, ‘beraden’ betekent: éérst goed overleggen vóórdat je een besluit neemt. Is het beraad bedoeld voor dergelijk overleg dan schort je dus besluitvorming op, totdat het beraad heeft plaatsgevonden. Doe je dat niet dan verliest het ‘beraad’ grotendeels haar functie en lijkt het vooral bedoeld te zijn voor de bühne.

Dat Erkens helemaal geen boodschap heeft aan de kennis en ervaring van uitgenodigde belanghebbenden als Animal Rights blijkt een dag later op 24 juni 2026, als hij via de Telegraaf 24 laat weten het parlement te zullen passeren en de anti-wolf wetgeving gewoon wil invoeren als de Tweede Kamer niet nog voor de zomer een debat over zijn plannen houdt.

Update 17 – Erkens heeft geen boodschap aan het democratisch proces

Staatsecretaris Silvio Erkens drukt op 6 juli 2026, als de Kamers al met zomerreces zijn, de algemene maatregel van bestuur (amvb) over de wolf (en goudjakhals) door, zonder dat een Kamerdebat of het ‘Nationaal Wolvenberaad’ heeft plaatsgevonden. Erkens laat hiermee opnieuw zien dat hij een anti-democratische populist is.

Erkens geeft voor zijn haast om zonder parlementaire controle en in strijd met de aangenomen motie Kostić wetgeving door te drukken twee drogredenen: provincies en gemeenten vragen er om en de combinatie welpenseizoen / recreatieseizoen staat voor de deur.

Misschien nog wel stuitender is dat de staatssecretaris het doet voorkomen alsof er nu ineens grote veranderingen plaatsvinden en het voor provincies vele malen makkelijker wordt om wolven af te knallen. Erkens heeft die ‘macht’ helemaal niet. 

Zoals ook uit het recentste advies van de Raad van State blijkt, moeten de provincies zich gewoon blijven houden aan de Habitatrichtlijn en de systematiek daarin volgen.
Dat houdt in dat de noodzaak van afschot (of paintballen) moet worden aangetoond. Dat er eerst moet worden gekeken naar andere minder ingrijpende (deels) ‘bevredigende oplossingen’. En dat een voorgenomen actie geen negatieve invloed mag hebben op de staat van instandhouding van de wolf, die nog altijd ongunstig is.

De optie die Erkens denkt geschapen te hebben om alvast afschotvergunningen op de plank klaar te leggen, zal bij de rechtbank sneuvelen, omdat het ‘op voorhand’ verlenen van omgevingsvergunningen nu eenmaal niet mag. Ook dat had de Raad van State al opgemerkt en ook Animal Rights had Erkens dat allemaal uit kunnen leggen, maar daar heeft hij voor bedankt.

Update 18 – Opiniestuk in DVHN

Ook voor de wolf geldt: draagvlak is veel minder van belang dan rechtvaardigheid | opinie 25


In een reactie op het DVHN-commentaar van Wouter Hoving 26 betoogt Animal Rights-campagneleider Erwin Vermeulen dat verzet tegen soepelere wolvenregels juist noodzakelijk is.

Op 8 juli verscheen in DVHN een commentaar met de titel ’Het is een domme zet dat dierenclubs in verweer willen tegen de versoepelingen rond de wolf’. Auteur Wouter Hoving heeft vanzelfsprekend recht op zijn mening, maar die verdient wel een weerwoord.

Het klopt dat Animal Rights heeft aangekondigd ’in het geweer te komen’ tegen het op voorhand verlenen van afschotvergunningen. Dat is niet zo ingewikkeld omdat de Raad van State (RvS) staatssecretaris Silvio Erkens (Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur van Nederland) al heeft geadviseerd daar niet aan te beginnen.

Zoals eveneens uit het recentste advies van de RvS blijkt, moeten de provincies zich gewoon blijven houden aan de Habitatrichtlijn en de systematiek daarin volgen.

Noodzaak moet worden aangetoond
Dat houdt in dat de noodzaak van afschot moet worden aangetoond. Dat er eerst moet worden gekeken naar andere minder ingrijpende ’bevredigende oplossingen’. En dat een voorgenomen actie geen negatieve invloed mag hebben op de staat van instandhouding van de wolf, die nog altijd ongunstig is. Dat is niet mogelijk bij een denkbeeldig, toekomstig ’incident’.

Er zijn tot nu toe in Nederland drie vergunningen afgegeven om een wolf dood te schieten. Twee daarvan – voor wolf Hubertus die een hardloopster beet op de Veluwe en voor de ’springende wolf van Voorthuizen’ die schapen dood beet – zijn inmiddels weer ingetrokken, omdat ze juridisch niet houdbaar bleken.

Wolf Bram is doodgeschoten – in strijd met de vergunningsvoorschriften – voordat de juridische procedure was afgerond. Deze recente geschiedenis geeft dus alle aanleiding om vergunningaanvragen uiterst kritisch te bekijken en ze zeker niet alvast ’op de plank’ klaar te leggen.

Populistische motieven
Organisaties zoals Animal Rights winnen veel van de juridische procedures rondom de wolf omdat de motieven van provinciale bestuurders vaak populistisch van aard zijn. Maatschappelijke onrust over en draagvlak voor de wolf zijn, immers, geen juridisch argumenten om maatregelen wel of niet te nemen.

Schuwheid van de wolf mag dan een menselijke wens zijn, maar dat schuwheid ’natuurlijk’ is voor een wolf ligt niet voor de hand; waarom zou een roofdier aan de top van de voedselketen ’van nature’ schuw zijn?

’Realiteitszin’ uit zich vaak in een conservatieve houding vol vooroordelen en intolerantie, gevoed door angst en haat en versterkt door misinformatie. Dat is precies waarom ’draagvlak’ – net zoals bij bijvoorbeeld azc’s – veel minder van belang is dan rechtvaardigheid.

We zullen hoe dan ook met wolven moeten samenleven en geweld is daarbij geen oplossing. Zoals Isaac Asimov al schreef: ’Violence is the last refuge of the incompetent’ (’Geweld is de laatste toevlucht van de onbekwame’).

Update 19 – wolvendebat

Dinsdag 1 september 2026 vindt om 17:00 een plenair debat plaats over de wolf in Nederland. 27 Staatssecretaris Silvio Erkens vond het nodig om na zijn nietszeggende Kamerbrief van 27 augustus 28 op 31 augustus ook nog een interview te geven aan de Telegraaf. 29

Erkens vindt, volgens de Telegraaf, dat niet alleen naar Nederland gekeken moet worden. Dit omdat de wolven die in ons land leven deel uitmaken van een veel grotere populatie die zich over meerdere landen uitstrekt.
“Ik ben met mijn Duitse ambtsgenoot aan het onderzoeken of wij de zogeheten staat van instandhouding samen met de buurlanden kunnen vaststellen. De wolven in Nederland lopen ook gewoon over de grens naar Duitsland. Het is natuurlijk vreemd als wij in ons kleine land grote groepen wolven moeten verwelkomen, terwijl ze tot dezelfde populatie behoren als die in buurlanden. Tellen ze net over de grens dan niet mee?”
Het is diep triest dat Erkens het rapport 30 waartegen hij zich, opnieuw volgens de Telegraaf, afzet, niet gelezen of begrepen heeft. Het rapport, door Erkens ministerie besteld, maakt juist inzichtelijk dat Nederland niet zelfstandig een gunstige populatieomvang – met corresponderend gunstige verspreidingsgebied – kan herbergen van een duurzame wolvenpopulatie (die uit meer dan 500 roedels moet bestaan). Nederland kan/moet wel een bijdrage leveren aan een duurzame wolvenpopulatie in Europees verband binnen de Centraal-Europese populatie. Volgens de in 2025 opgestelde leidraad zou Nederland als klein tot middelgroot land meer dan 50 roedels moeten herbergen.
Dat Erkens dat niets vindt, maakt verder niet zoveel uit:
“In geen enkel realistisch scenario wil je 56 roedels wolven in Nederland. Dat zijn dan honderden wolven die door ons land lopen op zoek naar voedsel. Dat gaat niet lukken en dat wil ik ook niet”.
Deze mening doet het ongetwijfeld goed voor de Telegraaf-bühne, maar is juridisch onhoudbaar.

Het Telegraaf artikel heeft het ook over het grote aantal slachtoffers die wolven in Nederland maken. Een eveneens door Erkens ministerie besteld rapport 31 geeft aan dat de schade is geconcentreerd bij een kleine groep veehouders en dat 94% van de schade optreedt op bedrijven die geen of onvoldoende wolfwerende maatregelen namen. Bovendien is de conclusie dat in vergelijking met andere schade door wilde dieren en het totale aantal dode schapen, de door wolven aangerichte schade relatief klein is.

Erkens heeft, blijkt, geen boodschap aan wetenschappelijke feiten. Hij baseert zijn ‘beleid’ liever op onderbuikgevoelens. Daarnaast heeft Erkens ook niet veel op met de democratische rechtsstaat:
“De activistische ngo’s blokkeren al genoeg, maar ook nog procederen tegen regels die gevaarlijke wolvenaanvallen voorkomen is echt een stap verder. Dat er dan ook nog eens organisaties gaan procederen tegen het tijdstip waarop de probleemwolf is doodgeschoten, vind ik al helemaal onbegrijpelijk.
[…]
Het is ieders goed recht om een rechtszaak aan te spannen, maar je moet jezelf wel afvragen waar je mee bezig bent in dit geval. Ook als je kijkt naar wat voor kosten er komen kijken bij dit soort verzoeken en hoeveel ambtenaren er ook weer mee bezig zijn. Dat is echt absurd. Dat kost zoveel belastinggeld.”
Er blijkt best veel te zijn wat Erkens “totaal wereldvreemd” en “onbegrijpelijk” vindt, maar zou dat niet komen door zijn gebrekkige kennis van zaken, zijn afkeer van wetenschappelijke feiten en minachting voor het democratische proces?
Als Erkens had willen begrijpen waarom ngo’s procederen tegen anti-wolf maatregelen, had hij in moeten gaan op de uitnodiging om in gesprek te gaan. Volgens Erkens brief van 27 augustus staat zijn eigen ‘Nationaal Wolvenberaad’ nu gepland op 3 december 2026. Animal Rights heeft voor deze nieuwe datum nog geen uitnodiging ontvangen.

Update 20 – De inbreng van het IPO

De inbreng van het Interprovinciaal Overleg (IPO) bij het debat over wolven in Nederland lijkt er een te zijn van ‘door schade en schande wijs geworden’. De samenwerkende provincies zagen hoe de door Utrecht en Gelderland afgegeven vergunningen om wolven te terroriseren of vermoorden bijna allemaal sneuvelden bij de verschillende rechtbanken na verzet van onder andere Animal Rights. En zij zien nu, net als Animal Rights, dat de AMvB van Erkens daar weinig verschil in gaat maken. Hier een aantal van hun punten:
– Met de AMvB zijn bewust flexibel gehouden richtlijnen uit het Interprovinciaal Wolvenplan omgezet in wettelijke criteria. Daar zijn ze niet voor bedoeld. Wij verwachten hierdoor langere procedures bij de rechter met vragen die lastig te beantwoorden zijn.
– Het advies van de Raad van State (RvS) is op punten niet overgenomen. In overeenstemming met de RvS verwachten ook provincies dat de vergunning op voorhand geen tijdwinst zal opleveren. Onderschat wordt de hoeveelheid maatwerk-onderbouwing die nodig is om zo’n vergunning te ‘activeren’, en dat daartegen bezwaar en beroep openstaan.
– De AMvB gaat bijna volledig over ingrijpen achteraf. Wat provincies betreft is ingrijpen achteraf het sluitstuk van een totaalpakket dat ook preventieve maatregelen omvat. […] Dit soort preventieve maatregelen krijgen in de AMvB nauwelijks aandacht, terwijl een rechter die straks kan aanmerken als gunstiger alternatief. Een door de provincies afgegeven vergunning houdt dan geen stand. Om een vergunning te kunnen verlenen, moeten wij aangeven dat preventieve maatregelen zijn overwogen en onderbouwen waarom zij in een specifiek geval onvoldoende oplossingen bieden. 32

Het wolvendebat zelf is terug te lezen 33 en kijken 34 op de webpagina’s van de Tweede Kamer.


  1. Internetconsultatie Besluit bescherming wolf en goudjakhals ↩︎
  2. Kamerbrief over ontwerpbesluit in het kader van bescherming wolf en goudjakhals ↩︎
  3. Extra procedurevergadering commissie LVVN (groslijst controversieel verklaren) ↩︎
  4. Brief van de staatssecretaris van Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur ↩︎
  5. Reactie op uw verzoek om al het nodige te doen om de beschermingsstatus zoals bedoeld in bijlage IX bij het Besluit activiteiten leefomgeving te garanderen ↩︎
  6. Procedurevergadering LVVN ↩︎
  7. Gunstige referentiewaarden voor de wolf in Nederland: Populatieomvang en verspreidingsgebied volgens de Habitatrichtlijn ↩︎
  8. Universiteit boos over reactie Rummenie op wolvenonderzoek: ‘Misleidend’ ↩︎
  9. Staatssecretaris Rummenie bezoekt schaapkooi Epe-Heerde na incidenten met wolven ↩︎
  10. Adviesnota ter voorlegging van twee varianten van de Kamerbrief en de Nota van antwoord amvb wolf ↩︎
  11. Nota van antwoord ↩︎
  12. Nederland moet ’klein land’ worden voor betere aanpak wolf: ’We hebben de hoogste wolvendichtheid ter wereld’ ↩︎
  13. Staatssecretaris Rummenie wil aanpak van de wolf doorzetten ↩︎
  14. Plenair debat : Stemmingen ↩︎
  15. Nederland, Belgïe en Luxemburg bespreken EU-uitzondering wolvenbescherming ↩︎
  16. ‘Wolven afschrikken en sneller ingrijpen’, staatssecretaris deelt plannen ↩︎
  17. Verzoek om reactie op brief Werkgroep Wolf Leusden m.b.t. voorgenomen AMvB inzake wolvenbeleid, in strijd met artikel 16 Habitatrichtlijn (33118) ↩︎
  18. Staatssecretaris Erkens grijpt in: ‘Als de wolf in het Vondelpark had gezeten zou draagvlak héél snel afnemen’ ↩︎
  19. Algemene maatregel van bestuur wolven ↩︎
  20. Beslisnota AMvB wolf ↩︎
  21. Advies over gewijzigd ontwerpbesluit over bescherming van de wolf. Gepubliceerd op 26 mei 2026 ↩︎
  22. Wijziging van het Besluit activiteiten leefomgeving en van het Besluit kwaliteit leefomgeving in verband met de bescherming van de wolf en goudjakhals. ↩︎
  23. Brief regering Wolvenbeleid 2026 ↩︎
  24. Staatssecretaris Erkens wil Kamer passeren als wolvenwet niet snel wordt behandeld: ’Niets doen is geen optie meer’ ↩︎
  25. Ook voor de wolf geldt: draagvlak is veel minder van belang dan rechtvaardigheid | opinie ↩︎
  26. Het is een domme zet dat dierenclubs in verweer willen tegen de versoepelingen rond de wolf | DVHN commentaar ↩︎
  27. Debat over de wolf in Nederland ↩︎
  28. Ontwikkelingen wolvenbeleid ↩︎
  29. Staatssecretaris keert zich tegen advies om wolvenpopulatie nog groter te maken: ’Wil je niet’ ↩︎
  30. Gunstige referentiewaarden voor de wolf in Nederland: Populatieomvang en verspreidingsgebied volgens de Habitatrichtlijn ↩︎
  31. Economische gevolgen van de aanwezigheid van wolven in Nederland: Gevolgen voor toerisme en veehouderij ↩︎
  32. Inbreng met betrekking tot de AMvB wolven ↩︎
  33. Plenair verslag Tweede Kamer, 91e vergadering Dinsdag 1 september 2026 ↩︎
  34. De wolf in Nederland ↩︎

JIJ KAN DE DIEREN REDDEN

Word ambassadeur van de dieren en red ze met jouw bijdrage. Jouw hulp zet het belangrijke werk voor de dieren voort.

Elke bijdrage maakt een verschil! 🧡