Utrecht wil wolf Bram dood hebben en heeft de ‘usual suspects’ als ‘deskundigen’ ingehuurd om die moordwens te verdedigen. Naar de mening van Animal Rights slaagt men daar niet in. Dit is waarom:
Lees ook:
Op 11 juli 2025 verzocht Animal Rights de voorzieningenrechter van de Rechtbank Midden-Nederland om het besluit van het college van gedeputeerde staten van de provincie Utrecht van 8 juli (gepubliceerd op 11 juli) om een vergunning te verlenen voor het doden van wolf Bram/GW3237m, via een ordemaatregel te schorsen totdat het verzoek om een voorlopige voorziening op zitting is behandeld.
Het spoedeisend belang van dit verzoek is gelegen in het feit dat de vanaf dinsdag 15 of woensdag 16 juli te gebruiken vergunning onomkeerbare gevolgen zou hebben voor zowel de wolf als de van hem afhankelijke welpen (eenmaal gedood blijft dood). Dit belang dient zwaarder te wegen dan het belang van provincie en jagers om de vergunning op stel en sprong te kunnen gebruiken, des te meer doordat het college en andere betrokkenen kennelijk geen directe dreiging of gevaar zien. Zo is de vergunningverlening gebaseerd op een incident dat dateert van 19 mei, meer dan acht weken geleden en is het gebied in de tussentijd niet afgezet geweest en hebben er in al die weken geen andere incidenten plaatsgevonden.
GS stemde, zoals gebruikelijk, vervolgens in met uitstel tot de zitting die gepland werd op 23 juli.
Op 18 juli diende Animal Rights haar gronden in en vulde deze op 20 juli aan.
Noodzaak
De basis is dat het doden van Bram – en andere (strikt) beschermde dieren – noodzakelijk moet zijn, in dit geval om de openbare veiligheid te borgen. Animal Rights is het daar niet mee eens.
Recreëren in een gebied waar wilde dieren leven kan risico’s met zich meebrengen, vooral als er geen of onvoldoende preventieve maatregelen worden genomen zoals het informeren van recreanten en het instellen van rustgebieden voor wilde dieren. Dat een risico bestaat betekent niet vanzelfsprekend dat er sprake is van een gevaar voor de openbare veiligheid.
Hoewel Animal Rights het bijtincident betreurt, wenst zij wel op te merken dat dergelijke incidenten kunnen voorkomen bij het samenleven met (wilde) dieren en we een risico’s als samenleving ook veelal accepteren.
De voorzieningenrechter van de rechtbank Gelderland overwoog hierover onlangs:
“De voorzieningenrechter wenst nog te benadrukken dat het voorgaande niet met zich meebrengt dat als een wolf een keer een mens heeft gebeten dit per definitie betekent dat er een noodzaak bestaat om tot afschot van de wolf over te gaan vanwege de openbare veiligheid. Dat hangt steeds af van de specifieke situatie en context, waarbij in elk geval voldoende aannemelijk moet zijn dat het gedrag van een wolf (ook bij een bijtincident) als afwijkend gedrag getypeerd kan worden.”
Slechts twee incidenten zijn te linken zijn aan GW3237m. Het gaat om een eerste incident op 31 juli 2024, waarbij DNA-sporen van GW3237m zijn aangetroffen op het shirt van een kind. Volgens de Zoogdiervereniging is het kind omvergelopen naar aanleiding van (natuurlijke) interesse in een naast het kind loslopende hond, waardoor het kind krassen op de rug kan hebben opgelopen (maar het kan ook van een bramenstruik zijn). EcoNatura stelt nu echter, veel later, dat het gaat om een bijtwond, want dat past beter in het verhaal.
Het tweede incident betreft het bijtincident op 19 mei 2025, waarbij DNA-sporen van GW3237m zijn aangetroffen op het broekje van een vrouw. Hierbij dient wel opgemerkt te worden dat DNA vanaf kleding indirect bewijs betreft en dat de “chain of custody” die tot dit bewijs heeft geleid, niet volledig is gedocumenteerd.
In dit verband merkt Animal Rights op dat voor geen van de door EcoNatura genoemde interacties en incidenten geldt dat is aangetoond dat Bram zonder provocatie een mens heeft aangevallen. Animal Rights betwist dan ook dat er sprake is van een ‘probleemwolf’ die valt onder situatie h) van de escalatieladder en daarom volgens de interventierichtlijnen uit de populatie verwijderd zou moeten worden.
Hugh Jansman, ecoloog werkzaam bij Wageningen Environmental Research, besprak het incident tijdens een lezing in Nijmegen op 10 juli 2025 1 en zei hierover het volgende:
“Dat dier [red. GW3237m] deed niets onnatuurlijks, maar zijn verdedigingsgedrag was vrijwel zeker net even iets te sterk afgesteld waardoor hij een wat wij noemen corrigerende tik uitdeelt. Alleen voor een wolf betekent dat even een snap met de bek; wel wat krassen, wel wat schrammen, maar als-ie echt had willen bijten, had het er heel anders uitgezien.”
Italiaanse hoogleraar Dierkunde Luigi Boitani bevestigt de constatering van Jansman op het internationale wolvencongres in Lunteren:
“Als een wolf echt een mens zou willen doden, zou dat tien seconden duren. Dan pakte het dier je bij de nek en je zou dood zijn voor je het doorhebt.” 2
In de basis is habituatie geen opmaat naar conflicten. Aangeboren vluchtafstanden nemen af door menselijke aanwezigheid, onze natuurgebieden zijn tenslotte ook plekken waar we recreëren. De mens wordt voor het wild een normaal deel van het landschap.
Als provocatie plaatsvindt is een reactie natuurlijk. De oorzaak van een eventuele reactie is geen predatie, maar verdedigingsgedrag dat wordt opgeroepen door de provocatie.
Lees ook:
Andere bevredigende oplossingen
Afwijken van het verbod op het doden van beschermde dieren kan alleen worden toegestaan als er geen andere bevredigende oplossing bestaat om het doel te bereiken. Iedere andere bevredigende oplossing die minder ingrijpend is dan afschot, dient eerst te worden uitgevoerd. Volgens Animal Rights is dat in het onderhavige geval niet gebeurd en daarom had de afwijking (afschot) niet toegestaan mogen worden.
Volgens Animal Rights zijn er diverse effectieve doeltreffende maatregelen te nemen die het risico op gevaarlijke interacties met Bram verkleinen. Een eerste geschikte en passende maatregel is het instellen van rustgebieden voor wilde dieren zoals de wolf, zodat zij zich kunnen terugtrekken. Buiten de rustgebieden blijft ruimte voor recreanten. In het geval dat een nestlocatie zich bevindt buiten een rustgebied, kan besloten worden om het gebied rondom de nestlocatie tijdelijk af te sluiten voor recreanten, zodat de ouders van de welpen niet getriggerd worden om hun welpen te beschermen.
Onderdeel van het maatregelenpakket dient uiteraard ook te zijn dat recreanten goed worden voorgelicht over passend gedrag ten aanzien van wilde dieren in hun leefgebied. De inmiddels geldende aanlijnplicht en de tijdelijke afsluiting van een gebied in 2024 hebben duidelijk tot verbetering geleid. De stichting betreurt het dat het gebied in het huidige seizoen niet tijdelijk afgesloten is geweest, zodat het incident van 19 mei 2025 voorkomen had kunnen worden.
Behalve deze preventieve maatregelen zijn er ook vele andere, meer ingrijpende maatregelen te nemen als die noodzakelijk zouden zijn, zoals aversieve conditionering. Deze maatregelen dienen uitgevoerd te zijn alvorens gegrepen kan worden naar het ultimum remedium van afschot. De stichting betwist nadrukkelijk de verwerpelijke bewering van EcoNatura dat de voornemens tot aversieve conditionering van Bram zijn gestaakt vanwege weerstand van dierenrechtenorganisaties. De werkelijke reden hiervoor is dat het college erachter kwam dat Bram, in tegenstelling tot eerdere beweringen van deskundigen, de vader van de welpen bleek te zijn waardoor het college besloot dat ingrijpen een te grote impact zou hebben op de staat van instandhouding van de soort (vanwege het risico dat de welpen niet zouden overleven als er iets met Bram zou gebeuren).
Deze beslissing volgde nadat de voorzieningenrechter al oordeelde dat het college de noodzaak om Bram negatief te conditioneren onvoldoende had onderbouwd. Het college heeft de gebreken nooit hersteld en vervolgens wel de onderhavige, meer ingrijpende vergunning verleend. De situatie is onveranderd: Bram is dit seizoen wederom vader van welpen en preventieve maatregelen zijn (ook) dit seizoen niet genomen.
Alternatieve maatregelen zijn in deze casus niet of slechts beperkt of tijdelijk toegepast. Zenderen van een wolf valt hierbuiten, aangezien dit geen methode is om aversieve conditionering te bereiken. Het tijdelijk afsluiten van een gebied is functioneel en kan confrontaties en problemen voorkomen. Een permanent hondenaanlijngebod of hondenverbod in wolvenkerngebied is onontbeerlijk om wolven bij honden en mensen weg te houden. Niet picknicken en liefst helemaal geen voedsel meenemen. Proactief reageren bij een ontmoeting met een wolf (in plaats van fluisteren en je klein maken voor die ene goede foto). Liefst niet rennen, fietsen en paardrijden in wolvenkerngebied.
Bij uitstek ligt de verantwoordelijkheid hiervoor en voor informatievoorziening hierover bij overheid en terreinbeheerders. Gebeuren deze preventieve maatregelen niet op serieuze wijze dan gaan ongetwijfeld vaker problematische situaties ontstaan. Het afschieten van ‘probleemwolven’ gaat potentiële conflicten niet voorkomen.
Staat van instandhouding
Een andere voorwaarde voor vergunningverlening is dat een afwijking van het verbod op het doden van beschermde dieren geen afbreuk doet aan het streven de populaties van de betrokken soort in hun natuurlijke verspreidingsgebied in een gunstige staat van instandhouding te laten voortbestaan. Aan deze verplichting kan met onderhavige vergunning niet worden voldaan, doordat het resulteert in het overlijden van Bram en waarschijnlijk ook zijn welpen.
De staat van instandhouding van een soort moet beoordeeld worden op het niveau van de lidstaat, ook als er sprake is van grensoverschrijdende populaties. Dit is bevestigd in diverse arresten van het Hof van Justitie van de EU.
Lees ook: HET EUROPESE HOF OVER DE STAAT VAN INSTANDHOUDING VAN DE WOLF
EcoNatura schat in dat de welpen een kans van 50% hebben om te overleven als Bram wordt doodgeschoten. Die conclusie lijkt mede te zijn gebaseerd op de veronderstelling dat een van de jaarlingen meehelpt met de zorg voor de welpen, omdat zij een aantal keren nabij de kraamplaats is waargenomen. Dit is noch bewijs noch een garantie voor de toekomst. Een aantal alinea’s verder erkent EcoNatura:
“Het gelijktijdige wegvallen van GW3237m én andere bijdragende roedelleden (die momenteel afwezig of afwezig dreigend zijn) kan leiden tot structurele destabilisatie van de roedel.” En sluit af met de conclusie:
“Het vroegtijdig verwijderen van de vaderwolf brengt echter een onzekere uitkomst met zich mee ten aanzien van het overleven van de nieuwe welpen en de stabiliteit van de roedel.”
Animal Rights acht het dan ook aannemelijk dat de afschotvergunning zal leiden tot meer dan één overlijdensgeval. Niet alleen Bram, maar ook (een deel van) zijn welpen zullen overlijden. Dit heeft een nog grotere impact op de al ongunstige staat van instandhouding van de soort.
Bovendien is het onzeker of de juiste wolf wordt gedood. Hoewel EcoNatura poogt te onderbouwen dat Bram op uiterlijke kenmerken goed herkenbaar is, is vorig jaar al gebleken dat daarvan geen sprake is. Na een uitspraak van uw voorzieningenrechter over het zenderen en negatief conditioneren van Bram besefte het college ineens dat Bram wel de vaderwolf van de roedel was, na er eerst zeker van te zijn dat het ging om een andere wolf, gebaseerd op uiterlijke kenmerken.
Daarnaast is het aannemelijk dat de welpen van dat jaar, nu jaarlingen, een grote uiterlijke gelijkenis met Bram vertonen. Met het rapport van EcoNatura wordt met één zeer onduidelijke foto van een aantal wolven het tegengestelde niet bewezen. Animal Rights stelt zich daarom op het standpunt dat het niet alleen onzeker is of de welpen van dit jaar een afschotvergunning overleven, maar ook de jaarlingen hun leven niet zeker zijn.
Ten slotte komt de onderhavige toestemming slechts enkele weken na de op grond van het advies van EcoNatura verleende toestemming om ook wolf Hubertus te doden, een wolf die ook vader zou kunnen zijn.
Animal Rights concludeert dat er ten minste onzekerheid bestaat over de vraag of met het doden van Bram ook meerdere andere wolven overlijden met als gevolg een groot negatief effect op de (al ongunstige) staat van instandhouding van de soort. Ook om die reden is de afwijking niet toegestaan, waardoor de vergunning niet verleend had mogen worden.
De ‘deskundigen’ van de provincie
Het college heeft verschillende deskundigen geraadpleegd van de Zoogdiervereniging en EcoNatura om een second opinion gevraagd. Allereerst stelt Animal Rights zich op het standpunt dat het advies van de Zoogdiervereniging zeer beperkt is. Bovendien overwoog het college een jaar geleden nog om geen maatregelen uit te voeren naar aanleiding van het toen geldende advies over Bram van de Zoogdiervereniging, omdat het college het advies van onvoldoende kwaliteit achtte:
”Een ander bestuurlijk gevoelig punt dat we onder de aandacht willen brengen is het volgende. Voor de uitvoering van het IPO-wolvenplan en addendum, baseren we ons op de advisering vanuit vooral de Zoogdiervereniging. Wij zijn van mening dat deze adviezen op dit moment niet van dusdanige kwaliteit zijn dat we u op basis daarvan goed genoeg kunnen adviseren.”
Ten aanzien van het advies van EcoNatura stelt Animal Rights zich op het standpunt dat de conclusie hiervan bij voorbaat al leek vast te staan, aangezien dezelfde deskundige toen net een eensluidend advies had uitgebracht in de zaak over wolf Hubertus in Gelderland. De vraag is of dit advies als onafhankelijk en onpartijdig kan worden gezien, ook vanwege de (monitorings)werkzaamheden van dhr. Van Maanen op het landgoed Den Treek, een landgoed waarvan de rentmeester zich herhaaldelijk negatief heeft uitgelaten over de aanwezigheid van wolven op het landgoed. Bovendien is het advies van EcoNatura op vele punten subjectief en suggestief.
Conclusie
Om alle bovengenoemde redenen acht Animal Rights het bestreden besluit onrechtmatig en verzoekt zij de rechtbank om het besluit, vanwege de onomkeerbaarheid daarvan, te schorsen tot zes weken nadat op het bezwaarschrift is besloten.
Update
De voorzieningenrechter deed anderhalf uur na de zitting onmiddellijk uitspraak. De weegschaal van Vrouwe Justitia is uit balans. De inbreng van de ‘deskundigen’ van de provincie nam de voorzieningenrechter goedkeurend tot zich, terwijl ze de inbreng vanuit natuurbeschermingsorganisaties Animal Rights en Faunabescherming naast zich neerwierp.
De voorzieningenrechter accepteerde zonder enig bewijs dat er geen provocatie aan het bijtincident vooraf ging, dat Bram eenvoudig te onderscheiden is van zijn zonen en dochter van vorig jaar en dat zijn welpen en roedel ook kunnen overleven zonder Bram. Daarmee is de lat wel heel erg laag gelegd om een doodvonnis uit te spreken.
De rechtspraak en de democratie in zijn algemeen hebben al geen legitimiteit zonder rechten en rechtspersoonlijkheid voor individuele dieren. Deze rechter benadrukte dat nogmaals door het leven van Bram genadeloos weg te strepen tegen het denkbeeldige gevaar voor de openbare veiligheid gebaseerd op bovenstaande aannames.
Het is een trieste dag.
Update 2
Dit zouden beelden zijn van wolf Bram en zijn 3 welpen van vrijdagochtend 25 juli.
Wat voor een harteloos, genadeloos tuig moet je zijn om een vaderwolf die voor zijn welpen zorgt af te willen maken? Je kan het vragen aan CDA-gedeputeerde Mirjam Sterk, ecologen Erwin van Maanen en Glenn Lelieveld, de Zoogdiervereniging of jagers Hans van Eijden en Gijs van Aardenne.
Animal Rights roept barmhartige mensen op naar Landgoed Den Treek te gaan en de jagers te filmen en fotograferen.
Update 3
Op 28 juli werd de uitspraak gepubliceerd.
De eindconclusie/belangenafweging: “… de voorzieningenrechter vindt het risico op al dan niet zwaar of lethaal letsel hij mensen veroorzaakt door wolf GW3237m zodanig ernstig is, dat het voorkomen hiervan zwaarder moet wegen dan het belang van verzoeksters bij het afwachten op de uitkomst van de bezwaarprocedure.” De gammele grammatica komt voor rekening van de rechter en haar griffier.
Merk vooral ook op dat de rechter alleen rekening kan houden met het belang van Animal Rights en de Faunabescherming – de verzoeksters – en niet met het belang van Bram; een wolf heeft, net als andere niet-menselijke dieren, immers geen rechten.
Deze uitspraak is het procedurele equivalent van een executie voltrekken en daarna pas het juridische traject doorlopen dat eventueel naar een doodvonnis zou kunnen leiden. Dat noemen we onrecht!
Het is voor antropocentrische rechters de makkelijke weg: bij de ’toverwoorden’ openbare veiligheid, volksgezondheid, verkeersveiligheid of vliegveiligheid kies je voor het doden van de ‘verantwoordelijke’ dieren. Er kan je vervolgens nooit verweten worden dat je te laks bent opgetreden en je ongelijk is onbewijsbaar, want de dood is immers onomkeerbaar.
Update 4
Op 27 juli dient de Partij voor de Dieren Provincie Utrecht schriftelijke vragen in: ‘Schriftelijke vragen Uitvoering afschotvergunning na vrijgegeven beelden van wolf GW3237m met welpen’: 3
Vrijdagochtend 25 juli 2025 is een wolf, vermoedelijk GW3237m, samen met welpen in Den Treek-Henschoten gezien door verschillende omstanders. Deze hebben ter plekke beeldopnames van de roedel gemaakt.
Deze foto’s en filmopnames zijn diezelfde dag door wolvenexpert Rick van Malssen beoordeeld, Hij heeft de vaderwolf geïdentificeerd als wolf GW3237m. Het beeldmateriaal is op zaterdagochtend 26 juli vrijgegeven en openbaar gemaakt op verschillende online platforms: Beelden wolf Bram met welpen
Heeft de gedeputeerde kennisgenomen van dit beeldmateriaal?
Zijn experts ingeschakeld om de beelden te beoordelen en verder onderzoek te doen naar de zorgrol van GW3237m in de roedel? Zo ja, leiden deze analyses tot een mogelijke heroverweging van de (uitvoering van de) afschotvergunning? Kan deze worden toegelicht?
Op de filmbeelden is te zien hoe wolf Bram met zijn welpen onderweg is en hen zorgzaam begeleidt: er lijkt sprake te zijn van hechting en een afhankelijkheidsrelatie tussen vaderwolf en welpen.
Is de gedeputeerde op de hoogte van de Europese en nationale regels als het gaat om het afschieten van een wolf die een essentiële rol vervult in een roedel met jonge welpen?
Wat voor impact heeft mogelijke afschot op de roedel, de andere solitaire wolven in de Provincie Utrecht en de staat van instandhouding van wolven in zijn algemeenheid?
Hoe groot is de kans dat de welpen het zonder vader overleven, gezien de leeftijd en de zichtbare afhankelijkheid?
Hoe verhoudt de uitspraak van de heer Van Maanen, dat hij het bijvoeren van welpen overweegt, zich tot zijn eigen erkenning en die van andere deskundigen dat bijvoeren juist het risico op gewenning en probleemgedrag bij wolven vergroot?
Gaat de gedeputeerde op juridische gronden de vergunning voor afschot intrekken dan wel tot nadere orde opschorten?
Gaat de gedeputeerde op ethische gronden de afschotvergunning intrekken dan wel tot nadere orde opschorten?
Zo ja, vanaf wanneer gaat de intrekking in? Bij opschorting: wat is de verwachte termijn daarvan?
Zo nee, waarom niet? Zullen andere maatregelen genomen worden naar aanleiding van deze nieuwe inzichten met betrekking tot de uitvoering van de afschotvergunning?
Op het landgoed zijn vele wildcamera’s al lange tijd actief en worden de verschillende wolven gemonitord, deze beelden worden niet gedeeld of vrijgegeven.
Heeft de gedeputeerde voor het afschotbevel gebruik gemaakt van deze beelden om te zien of deze wolf een betrokken vaderrol heeft in het grootbrengen van zijn welpen? Zo ja, wat waren de conclusies op basis van deze beelden en kunnen deze met PS gedeeld worden? Zijn andere informatiebronnen betrokken bij deze analyse? Zo ja, kunnen deze met PS gedeeld worden? Zo nee, op welke manier heeft de gedeputeerde kunnen vaststellen welke rol GW3237m vervult in de roedel?
Wat zijn de juridische consequenties als afschot van GW3237m achteraf onrechtmatig blijkt? Kan door de rechter boetes of andere sancties/verplichte maatregelen worden opgelegd? Zo ja, kunnen deze toegelicht worden?
Wat zijn de juridische consequenties als niet GW3237m maar een andere wolf wordt doodgeschoten door foute identificatie? Kan naar aanleiding hiervan door de rechter boetes of andere sancties/verplichte maatregelen worden opgelegd? Kan de formele procedure bij foutieve afschot hier worden toegelicht?
Als een andere wolf wordt doodgeschoten, blijft de afschotvergunning gelden voor GW3237m? Hoeveel wolven mogen er foutief doodgeschoten worden gedurende de termijn van de afschotvergunning?
Het aangewezen afschotgebied voor wolf GW3237m omvat delen van het Defensieterrein Leusderheide. Voor het gebruik van dit terrein door derden is op grond van het Rijksvastgoedbeleid en het Beleidskader Gebruik Defensieterreinen formeel toestemming van Defensie vereist. Daarnaast zijn Gedeputeerde Staten op grond van artikel 3:2 van de Algemene wet bestuursrecht gehouden tot een zorgvuldige en uitvoerbare besluitvorming.
Kan GS bevestigen dat de vereiste toestemming van Defensie is verkregen? Zo ja, op welk moment is hier toestemming voor gegeven en is hier schriftelijk verslag van gemaakt.
Zo nee, acht GS het juridisch en bestuurlijk verantwoord om een omgevingsvergunning voor afschot af te geven zonder aantoonbare instemming van de terreinbeheerder, in dit geval Defensie?
Update 5
Er heeft op 30 juli 2025 mogelijk een incident plaatsgevonden bij Austerlitz waarbij (opnieuw mogelijk) een kind en wolf betrokken waren. Ook in 2024 was er daar een incident met een kind en wolf.
Animal Rights is afgelopen zondag nog in het gebied geweest. Het gebied is niet afgesloten. Mensen lopen nog steeds hard, mountainbiken, picknicken, laten honden los lopen en rijden paard in het territorium en kerngebied van een wolvenroedel met jonge welpen van ongeveer 3 maanden oud.
Veel bezoekers van het gebied zijn onverbeterlijk en willen zich niet aanpassen; de provincie en gemeentes sluiten de gebieden niet af, hoewel zelfs de ‘deskundige’ van de provincie aangaf dat het gedrag van wolf Bram seizoensgebonden is, verbonden aan het feit dat hij moet zorgen voor jonge welpen.
Bram is afgelopen vrijdag 25 juli nog met twee welpen gezien op de Houtlaan in Den Treek. De provincie grijpt graag naar het geweer maar heeft verder geen boodschap aan openbare veiligheid. Dit is het leefgebied van een roedel wolven. Het egoïsme van provincie en burgers in hun weigering om zich aan het ritme van de natuur en de beschermde dieren aan te passen is verbijsterend.
Of je accepteert de mogelijkheid van dit dit soort incidenten, of je sluit het gebied tijdelijk af.
Overigens valt Austerlitz buiten het ‘uitvoeringsgebied’ waarin Bram mag worden geëxecuteerd.
Update 6
Uit een DNA-spoedanalyse door Wageningen University & Research (WUR) blijkt op 15 augustus dat wolf Bram betrokken was bij het incident op 30 juli met een 6-jarig kind. 4 Dat verandert verder niets want al op 23 juli werd de bloedlust van de provincie Utrecht al gelegaliseerd door een voorzieningenrechter. Dat is bijna 4 weken geleden en Bram leeft nog steeds.
Ook Utrecht kent geen enkel fatsoen in juridische processen. Er is nog steeds geen datum vastgesteld voor een hoorzitting.
Update 7
Het is levensgevaarlijk op de Utrechtse Heuvelrug en daarom moet wolf Bram worden doodgeschoten, maar vanaf maandag 15 september mogen honden gewoon weer loslopen in de bossen rondom de Leusderheide. Staatsbosbeheer, Utrechts Landschap, gemeenten en de provincie Utrecht besluiten de aanlijnplicht niet te verlengen, terwijl er toch nog steeds een dringend advies geldt om het bosgebied tussen de A12 en A28 te mijden. 5 Honden los laten rondrennen in het territorium van een wolvenroedel is voor de provincie Utrecht blijkbaar volstrekt logisch.
Gedeputeerde Mirjam Sterk en trawanten sturen aan op nieuwe incidenten. De bezwaarprocedure loopt immers gewoon door, hoewel er door Utrecht nog steeds geen datum is vastgesteld voor een hoorzitting.
Update 8 – wolvin aangereden op de Doornseweg
Bij een aanrijding op de Doornseweg in Leusden is op de avond van 22 september 2025 een wolf doodgereden. 6 Volgens de provincie Utrecht gaat het om een wolvin. Dna-onderzoek moet uitwijzen of het dier een van de bekende wolvinnen in onze regio is. Op de Utrechtse Heuvelrug zijn drie vrouwelijke wolven regelmatig in beeld. Het gaat dan om de vrouw van Bram en de dochter van Bram van vorig jaar die mogelijk meehelpt met het (op)voeden van de huidige welpen. Daarnaast leeft er in het gebied nog een vermoedelijk solitaire wolvin.
Wanneer het om de vrouw van Bram gaat, is het volgens Animal Rights van groot belang om de jacht op Bram stil te leggen totdat daar uitsluitsel over is en ook niet te heropenen als Bram nu de enige overgebleven ouder is. Als Bram in dat geval wordt gedood betekent dat immers niet alleen de executie van Bram, maar waarschijnlijk ook van de vijf huidige welpen en daarmee de uitroeing van het hele roedel op de Utrechtse Heuvelrug. Gezien de ongunstige staat van instandhouding van de wolf in Nederland zou dat een vervolgbare misdaad zijn.
Animal Rights heeft inmiddels gedeputeerde staten van Utrecht gevraagd om de Faunabeheereenheid te vragen de vergunning niet te gebruiken totdat het DNA van de wolvin bekend is en, als het om de moeder van de welpen gaat, de gevolgen daarvan voor de welpen door deskundigen beoordeeld zijn – en Animal Rights daarvan op de hoogte is gesteld.
De Partij voor de Dieren en GroenLinks hebben inmiddels Statenvragen gesteld: 7
Op maandagavond 22 september jl is een wolvin doodgereden op de Doornseweg in Leusden, vlakbij Landgoed Den Treek. Uit DNA-onderzoek moet blijken om welke wolf het gaat. Dit is inmiddels de 4e aanrijding van een wolf met dodelijke afloop op de Utrechtse Heuvelrug. Twee eerdere aanrijdingen vonden ook plaats op de Doornse weg, waarvan één dodelijk en bij de andere aanrijding raakte Bram, GW3237M, kreupel.
Mogelijk gaat het dit keer om de partner van GW3237M die moeder is van eenjarige welpen en van de nog jonge welpen die dit voorjaar zijn geboren. Met oog op de uitvoering van de afschotvergunning voor GW3237M maken de vragenstellende fracties zich ernstig zorgen om het het welzijn van deze jonge welpen en voortbestaan van de roedel als inderdaad blijkt dat het hier gaat om deze wolvin. De afschotvergunning is afgegeven met onder meer het argument dat de moederwolf in staat is de zorg- en voedingstaken over te nemen van GW3237M in het geval dat hij wordt afgeschoten. De Provincie heeft de wettelijke taak zorg te dragen voor de bescherming van de wolf en een goede instandhouding van de wolvenpopulatie:
Is het College voornemens om tot een spoed-identificatie over te gaan om te bepalen of de gedode wolf inderdaad de partner is van GW3237M en de uitslag snel publiek te maken? Zo ja, op welk termijn? Zo nee, waarom niet?
Is het College voornemens de uitvoering van de afschotvergunning tijdelijk stop te zetten in afwachting van deze uitslag? Zo nee, waarom niet?
Zal de afschotvergunning worden herzien/ingetrokken wanneer blijkt dat de gedode wolf de partner is van GW3237M en daarmee een belangrijke zorgtaak voor de welpen in de roedel? Zo nee, kan dit worden toegelicht?
Zal er ook per direct een tijdelijk verbod komen op andere beheer- en jachtactiviteiten zolang de identiteit van de gedode wolf onbekend is? Zo nee, waarom niet?
Zal het College onderzoek initieren naar de context en omstandigheden van de aanrijding, waarbij er o.a. gekeken wordt naar verstorende (jacht)activiteiten op en/of nabij het ecoduct Treeker Wissel en de effectiviteit van faunapassages en rasters langs deze provinciale weg? Zo nee, waarom niet? Zo ja, op welk termijn is dit onderzoek voorzien en wanneer zal PS hiervan op de hoogte gesteld worden?
Dat is de redelijkheid. Van de zelfverklaarde ‘experts’ mogen we dat blijkbaar niet verwacht. Ze zijn nog steeds ‘pissed’ over het feit dat hun bekokstoofde zenderproject werd gedwarsboomd. Hamsterprofessor, en zeker géén wolvendeskundige, Maurice La Haye van de Zoogdiervereniging maakt zichzelf belachelijk door te beweren dat 5 tot 6 maanden oude welpen wel degelijk kunnen overleven. “Al zullen ze het wel moeilijk krijgen. De welpen zijn wel al groot genoeg om mee te kunnen jagen.” 8 Mee jagen met wie dan als er geen ouders meer zijn? Tot na hun aanstaande eerste winter hebben welpen hun ouders nodig. In de winter leren ze jagen.
Dramaqueen Glenn Lelieveld maakt het helemaal bont: “Er loopt een levensgevaarlijke wolf rond. En die wil Animal Rights op alle mogelijke manieren beschermen. De wolf moet nu weg. Hij is dusdanig gevaarlijk. Ongeacht wat er met de welpen gebeurt.” Lelieveld heeft al eerder laten zien dat hij geen boodschap heeft aan wet- en regelgeving, bijvoorbeeld aangaande de verplichting om de wolf te herstellen in een gunstige staat van instandhouding, en zijn opgeblazen ego zit compassie met de welpen in de weg.
Ondanks emails en telefoontjes blijft het stil vanuit Utrecht. Aan de hand van het gebit en tepels van de doodgereden wolvin zou het relatief gemakkelijk moeten zijn om iets te kunnen zeggen over haar leeftijd en of ze de afgelopen maanden gezoogd heeft. Het Utrechtse servicebureau, dat gaat over vergunningverlening, reageert wel, maar weet niets en/of mag niets zeggen. De verantwoordelijke behandelaar ontloopt echter zijn verantwoordelijkheid om de belanghebbende partijen in de zaak van het executiebevel voor Bram te woord te staan. Animal Rights heeft nu een mail gestuurd direct naar de Faunabeheereenheid Utrecht.
Donderdagavond volgt er dan toch nog een telefoontje: Er zijn ook technische vragen gesteld door PS. Antwoorden komen dinsdag in een memo. Die krijgt Animal Rights dan ook. Maar de vergunning wordt nog gebruikt.
Op 26 september meldt BIJ12 dat de wolvin niet op slag dood was, maar werd afgemaakt. De gretigheid waarmee provincies en jagers wolven willen doden, vereist dat er kritisch naar de necropsie van dit dier wordt gekeken.
Update 9
In de beantwoording van de schriftelijke Statenvragen van de PvdD en GroenLinks op 30 september betreffende de aanrijding van de wolvin op Doornseweg in Leusden zegt gedeputeerde Staten van Utrecht: “Op basis van visuele inspectie ter plaatse van de aanrijding en op basis van de verrichte sectie is door de onderzoekers bevestigd dat het niet gaat om een moederdier.”
Dat men dat niet op de dag van de aanrijding, 22 september, meldde, geeft vooral de bestuurlijke incompetentie en onwil in Utrecht weer.
Dat wordt nog eens benadrukt door dit antwoord: ”Op de Utrechtse Heuvelrug vindt met name afschot plaats van reeën. Deze worden gedood om zo de verkeersveiligheid te verhogen. Zolang uit tellingen blijkt dat de aantallen reeën hoger liggen dan wenselijk, vanuit verkeersveiligheid bezien, blijft het noodzakelijk om afschot te plegen. Vooralsnog is er geen dalend aantal reeën op de Utrechtse Heuvelrug waargenomen.”
De provincie Utrecht schiet dus prooidieren van de wolf af in het wolvenleefgebied en geeft ook nog eens toe dat dat niet effectief is, want er is geen dalende trend. Geen wonder dat er geen rustgebieden zijn aangewezen; in Utrecht moeten alle wilde dieren dood.
Er zal verder geen enkel onderzoek plaatsvinden naar de oorzaak en afhandeling van de aanrijding, want daar is Utrecht niet in geïnteresseerd.
Bijna terloops meldt de provincie nog: ”Het is niet toegestaan (overeenkomst Den Treek en Provincie Utrecht) binnen een straal van 250 meter vanuit het ecoduct dieren te doden, te verwonden, te vangen of te bemachtigen.”
Goed om te weten dat Bram daar in ieder geval veilig is.
Update 10
Uit in november geopenbaarde documenten blijkt dat Utrecht al op 24 september, twee dagen na de aanrijding en na sectie, wist dat het om een jaarling vrouwtje ging die nooit jongen heeft gehad. Men houdt informatie echter liever onder zich.
Update 11 – hoorzitting voor wolf Bram
Op dinsdag 28 oktober 2025 vond de hoorzitting plaats in het provinciehuis van Utrecht in de bezwaarprocedure tegen het afschot van wolf Bram. De commissie, die een niet-bindend advies moet uitbrengen aan de provincie, die vervolgens op het bezwaar moet beslissen, was kritisch naar de provincie toe.
Onder andere over het ontbreken van een rapport over beweerde, nieuwe meldingen met betrekking tot Bram, het ontbreken van een rapport over een incident met een kind eind juli in Austerlitz, het ontbreken van het logboek over de klopjacht op Bram tot nu toe en het ontbreken van een document dat de beulen van Bram zou moeten helpen hem te onderscheiden van (onder andere) zijn welpen.
Animal Rights, Werkgroep Wolf Leusden en Faunabescherming brachten in dat er geen incidenten meer zijn geweest, dat het gedrag van Bram seizoensgebonden is aan zijn rol als vader van een roedel met jonge welpen en dus een uiting is van natuurlijk in plaats van afwijkend gedrag en dat Bram dus geen ‘probleemwolf’ is.
Dit houdt ook in dat het tijdelijk afsluiten van over-bezochte, toeristische ‘pretparken’ als Den Treek en de Pyramide van Austerlitz andere bevredigende oplossingen zijn die eerst moeten worden geprobeerd, naast eventueel ‘aversief conditioneren’.
De provincie, jagers en hun advocaten lieten duidelijk blijken alles in het werk te zullen stellen om het proces te vertragen en de provincie geen besluit op de bezwaren zal nemen voordat de vergunning afloopt op 1 januari 2026. Wordt vervolgd!
Update 12
Op 3 december 2025 laat gedeputeerde Mirjam Sterk vanuit de provincie een verklaring uitgaan dat er op de Utrechtse Heuvelrug een wolf doodgeschoten is: 9
“Recent zijn wij door de houder van de afschotvergunning voor de wolf GW3237m geïnformeerd dat op de Utrechtse Heuvelrug een wolf is gedood. Een spoedanalyse van DNA moet uitwijzen of het gaat om wolf GW3237m. Naar verwachting kunnen we de uitslag van de DNA-analyse op 12 december bekend maken. Over de uitslag zullen wij u direct informeren.”
Ieder afschot, van welk dier dan ook, is uiterst treurig en een schandvlek op het blazoen van de mensheid. De verantwoordelijken voor deze schanddaad horen niet in een fatsoenlijke maatschappij thuis, helaas leven we daar nog niet in. Organisaties als Animal Rights werken aan een maatschappij waarin wel respect bestaat voor andere levens.
Het is (nog) niet zeker dat het om wolf Bram gaat. De verantwoordelijken voor het afschot zijn incompetent genoeg om in hun haast voor de naderende deadline van 1 januari 2026 de verkeerde wolf te schieten. Dat zal gegarandeerd juridische consequenties hebben.
Een dag eerder nog, 2 december, kwam provincie Gelderland tot de conclusie dat door een wijziging in de regelgeving, waarbij de wolf is verplaatst van bijlage IV naar bijlage V van de Habitatrichtlijn, geen omgevingsvergunning voor de wolf kan worden verleend.
Dit op advies van de onafhankelijke commissie Rechtsbescherming, die in september adviseerde: “De Commissie komt tot de conclusie dat de omgevingsvergunning niet in stand kan blijven vanwege de gewijzigde beschermingsstatus van de wolf in de Habitatrichtlijn en het hierop nog niet aangepaste nationale recht. De omgevingsvergunning zal moeten worden herroepen en de Commissie adviseert GS met inachtneming van de actuele stand van zaken in de nationale wetgeving en dit advies op de aanvraag te beslissen.”
Dit gaat dan ook op voor het doodvonnis voor wolf Bram. Animal Rights is dan ook van mening dat Utrecht illegaal gehandeld heeft.
Update 13
Op 12 december 2025 laat de provincie Utrecht weten dat DNA-onderzoek bevestigt dat het Bram was – wolf GW3237m – die vorige week werd vermoord. 10 Het is een treurige dag. Als men een lichtpuntje wil zien dan is dat dat de populistische heksenjacht hiermee dan in ieder geval ten einde is.
Animal Rights is nog altijd van mening dat er andere oplossingen waren, we dat ook aangetoond hebben en dat uiteindelijk in beroep ook een rechter duidelijk hadden weten te maken. De intolerantie van populistische politici, bureaucratische ambtenaren, dierhouders, jagers en het landgoed stonden een rationele afweging in de weg. Het superioriteitsdenken van een groot deel van de mensheid heeft Bram het leven gekost. Animal Rights zal in ieder geval blijven strijden voor ieder individueel leven.
Update 14
De resultaten van de sectie op Bram voegen niet veel toe. De kogel van het jagerstuig wist hem niet in het hart te raken, maar richtte verwoestende schade aan in Bram’s lichaam via doorboring van de ribwand, scheuringen en bloedingen in beide longen, bloedingen in borstholte, spieren en onderhuids bindweefsel, met breuken van ribben en wervelkolom.
Bij de sectie kwamen ook oude verwondingen ten gevolge van – vermoedelijk – een eerdere aanrijding naar voren, vooral afwijkingen van de eerste en tweede halswervel en de betrokken gewrichten.
Ondanks speculatie over restpijn en invloed daarvan op zijn gedrag, laat de sectie vooral zien dat Bram een normale, gezonde, weldoorvoede wolf was. Bram was een nieuwsgierige wolf die zijn welpen beschermden en daarvoor door de provincie Utrecht werd vermoord.
Bram’s overblijfselen zullen binnenkort worden tentoongesteld in Naturalis.
Update 15 – Wolf Bram vermoord in strijd met de vergunning
Uit de ‘Korte verslaglegging als separate bijlage bij verantwoording uitvoering’ van 15 december 2025 van Stichting Wildaanrijdingen Nederland (SWN) aan Regionale Uitvoeringsdienst (RUD) Utrecht, dat boven water kwam na een Woo-verzoek, blijkt uit de passage:
“Om 22:55 uur ontving team uitvoering op de locatie beelden vanuit actuele monitoring waarop duidelijk GW3237m in bijzijn van welpen kon worden beoordeeld en verificatie individu helder kon worden vastgesteld. Vanwege eerder genoemde ontwikkelingen en omstandigheden is na weging besloten het dier ondanks tijdstip uit de populatie te nemen.
Het team beschikt over zeer geavanceerde middelen om op veilige en zorgvuldige wijze uitvoering te kunnen geven.
Uitvoering heeft om 23:10 uur gestalte gekregen op de vaste route wolven in het verlengde van passage Treekerwissel met het daartoe geëigende wettelijk vereiste middel. Hierbij zijn de welpen niet in gevaar geweest en was sprake van een zogenaamde ‘clean kill’.”
,dat wolf Bram is doodgeschoten in strijd met de verleende vergunning. Uit de verklaring van SWN blijkt dat de ‘uitvoering’ om 23:10 uur heeft plaatsgevonden. Op 1 december 2025 ging de zon onder om 16:33 uur. ‘Uitvoering’ mocht volgens de voorschriften bij de vergunning plaatsvinden tot 1 uur na zonsondergang, dus uiterlijk tot 17:33. Dus na 17:33 hadden de jagers hun wapens moeten opbergen en naar huis gaan. Het afschot vond ruim vijf en een half uur buiten het toegestane tijdvenster plaats. Dit betekent een overtreding van voorschrift m van de vergunning. De uitvoerende jagersclub Stichting Wildaanrijdingen Nederland (SWN) overtrad de vergunning bewust. Het niet naleven van voorschrift m is een overtreding van artikel 5.5, eerste lid onder g van de Omgevingswet.
Uit de verklaring van SWN en het controlerapport van de RUD blijk dat men een bewuste keuze heeft gemaakt om buiten de tijden gesteld in de voorschriften te schieten. Dat valt SWN en met name het verantwoordelijke team bestaande uit 3 personen aangeduid als C, D en E aan te rekenen.
Stichtingen Werkgroep Wolf Leusden en Animal Rights vinden dat onacceptabel en vroegen om handhaving tegen de daders.
Volgens de RUD heeft SWN in de verklaring onderbouwd waarom de beslissing is genomen om op dit tijdstip tot ‘uitvoering’ over te gaan. Een onderbouwing is voor de stichtingen niet te lezen in desbetreffende verklaring.
Wolf Bram is doodgeschoten tijdens een lopende juridische bezwaarprocedure. Op dinsdag 28 oktober 2025 vond de hoorzitting plaats in het provinciehuis van Utrecht in de bezwaarprocedure tegen het afschot van wolf Bram. De commissie, die een niet-bindend advies moest uitbrengen aan de provincie, die vervolgens op het bezwaar moest beslissen, was kritisch naar de provincie toe.
Onder andere over het ontbreken van een rapport over beweerde, nieuwe meldingen met betrekking tot Bram, het ontbreken van een rapport over een incident met een kind eind juli in Austerlitz, het ontbreken van het logboek over de klopjacht op Bram tot dan toe en het ontbreken van een document dat de beulen van Bram zou moeten helpen hem te onderscheiden van (onder andere) zijn welpen.
Animal Rights en Werkgroep Wolf Leusden brachten in dat er geen incidenten meer zijn geweest, dat het gedrag van Bram seizoensgebonden is aan zijn rol als vader van een roedel met jonge welpen en dus een uiting is van natuurlijk in plaats van afwijkend gedrag en dat Bram dus geen ‘probleemwolf’ is.
Dit houdt ook in dat het tijdelijk afsluiten van over-bezochte, toeristische ‘pretparken’ als Den Treek en de Pyramide van Austerlitz andere bevredigende oplossingen zijn die eerst moeten worden uitgevoerd, naast eventueel ‘aversief conditioneren’.
De provincie, jagers en hun advocaten lieten duidelijk blijken alles in het werk te zullen stellen om het proces te vertragen en dat de provincie geen besluit op de bezwaren zal nemen voordat de vergunning afliep op 1 januari 2026.
De commissie oordeelde uiteindelijk: “De commissie moet dan ook constateren dat er op dit moment geen grondslag in wet- of regelgeving is te vinden voor het besluit tot afschot van GW3237m. Zonder een wettelijke grondslag zal het bestreden besluiten moeten worden herroepen.”
Het ‘maatwerkvoorschrift als invulling van de specifieke zorgplicht’ dat GS van plan was na 1 januari 2026 te verlenen, werd in de afschotzaak van wolf Hubertus door de commissie in Gelderland beoordeeld als op juridisch drijfzand gebaseerd, om niet te zeggen in strijd met de wet: “Naar het oordeel van de Commissie biedt de specifieke zorgplicht op zichzelf géén zelfstandige grondslag om een beschermd dier te doden.”
SWN had dus wel degelijk een eigenbelang – grote haast vanwege het aflopen van de vergunning en de juridische onmogelijkheid van een nieuwe vergunning, en het voorkomen van gezichtsverlies (de wolf die ontkwam) – om de voorschriften van de vergunning te overtreden.
We verzoeken het college van gedeputeerde staten van de provincie Utrecht daarom om afschrikwekkend bestraffend op te treden tegen de personen aangeduid met C, D en E en SWN als uitvoerder. Gedegen onderzoek door bijvoorbeeld de Omgevingsdienst Utrecht of het Openbaar Ministerie zal moeten uitwijzen wie op de hoogte was van deze voorgenomen overtreding, deze heeft goedgekeurd en/of de uitvoering ervan niet heeft verhinderd. Ook tegen deze personen en/of instanties is het handhavingsverzoek gericht.
Een onderzoek volgend op het handhavingsverzoek zal uitsluitsel moeten geven over de bestuurlijke verantwoordelijkheid van de provincie Utrecht. Mirjam Sterk, inmiddels minister voor Langdurige Zorg, Jeugd en Sport, was destijds als gedeputeerde in Utrecht politiek verantwoordelijk voor het natuurbeleid en verdedigde het afschotbeleid rond Bram publiekelijk. In een verklaring na het afschot verzweeg ze dat de vergunning was overtreden.
De zaak staat niet op zichzelf. Het recente rapport ‘Terug in het vizier – Wolvenstroperij in Nederland’, beschrijft een zorgwekkend patroon van illegale wolvenvervolging en verdwijnende wolven in Nederland. Ook de officiële jagers, met vergunning op zak, blijken nu in de praktijk gewoon ordinaire stropers te zijn.
Update 16 – Zo gaat dat in Utrecht
De provincie Utrecht bevestigde 26 juni 2026, wat inmiddels iedereen al wist, dat de jagers buiten het toegestane tijdvenster hebben geschoten. De Omgevingsdienst Utrecht, zoals dat werkt bij corrupte overheden, kwalificeerde de overtreding als ‘licht’ en voerde er een gesprek over met SWN. Er werd geen straf opgelegd en men stopte het bestaan van de overtreding in de doofpot, zoals dat dus werkt bij corrupte overheden.
Vergunningen zijn er niet voor niets en de voorschriften daarin dus ook niet. De jagers wisten in deze casus heel goed dat ze zich niet aan het ‘één-uur-na-zonsondergang’-voorschrift hielden toen ze Bram om 23.10 uur doodschoten. Daar komt bij dat die keuze doelbewust werd gemaakt in overleg met anderen. Daar moeten onder andere de Faunabeheereenheid en provincie Utrecht bij betrokken zijn geweest.
Wat had men wel moeten doen? De enige juiste weg was geweest om te concluderen dat het binnen de tijden uit de voorschriften niet lukte om de vergunning uit te voeren – om welke reden(en) dan ook; ongeacht welke smoesjes jagers en provincie willen aandragen – en vervolgens te vragen om een nieuwe vergunning te verlenen met ruimere jachttijden. Dat had waarschijnlijk voor nieuwe bezwaren en gerechtelijke procedures gezorgd, maar was juridisch de enige juiste route geweest voor wie belang hecht aan democratische principes.
Utrechtse gedeputeerden en jagers hebben daar dus geen boodschap aan en geven daarmee aan dat voorschriften uit vergunningen er wat hen betreft niet toe doen. Dit betitelen als een ‘lichte’ overtreding maakt dat voorschriften in vergunningen al hun waarde verliezen.
Op 1 juli 2026 stelde D66 schriftelijke Statenvragen: ’Onregelmatigheden rond afschot wolf GW3237m’
Eind juni bereikte ons het bericht dat de Utrechtse ‘probleemwolf’ formeel niet had mogen worden afgeschoten op het tijdstip dat dat gebeurde, afgelopen 1 december. De vergunning reikte tot 17.30, een uur na zonsondergang; de wolf werd om 23.10 afgeschoten. Wij hebben hierover een aantal vragen:
1 De Omgevingsdienst heeft destijds geoordeeld dat het om een lichte overtreding ging. Daarom is er niet op gehandhaafd en is er niet naar buiten toe over gecommuniceerd. Hoe kwam men tot dit oordeel?
2 Waarom gold de vergunning tot een uur na zonsondergang, en niet langer?
3 Animal Rights en de Werkgroep Wolf Leusden roepen op om alsnog handhavend op te treden. Volgens deze organisaties is de overtreding dus wel zwaar. Welke argumenten dragen ze hiervoor aan?
4 Omgevingsdienst en wildbeheereenheid zijn van mening dat het afschot, ondanks het tijdstip, op een veilige manier kon gebeuren. Kunt u dit toelichten?
5 Is het mogelijk om een feitenrelaas te leveren van het afschot en van wat er gebeurde in aanloop daarnaartoe, op 1 december j.l.?
6 Ons bereikt spoedig een update van de gang van zaken in het lopende ‘wolvenseizoen’. Deze gebeurtenis maakt daar ongetwijfeld deel van uit. Kunt u alvast een tipje van de sluier oplichten qua lessons learned rond het afschot van de probleemwolf?
7 Wij zouden hier graag in LWM-verband nog een keer over van gedachten willen wisselen met het college. De eindevaluatie van de gehele periode/aanpak rond wolf GW3237m zou daarvoor een logische gelegenheid zijn. Wanneer denkt u die eindevaluatie klaar te hebben?
8 Dient de vergunning die ten grondslag ligt aan het afschot als sjabloon voor als een vergelijkbare situatie zich onverhoopt weer voordoet? Of begint het proces dan weer opnieuw, en kan dat een vergunning opleveren die er totaal anders uitziet?
Op 6 juli 2026 werden er door de Partij voor de Dieren ook Kamervragen gesteld: ‘Vragen van het lid Kostić (PvdD) aan de staatssecretaris van Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur over dat wolf Bram illegaal, 5 uur later dan volgens de vergunning was toegestaan, is gedood.’
1 Heeft u kennisgenomen van het bericht dat wolf Bram (GW3237) op 1 december 2025 om 23.10 uur is doodgeschoten, ruim 5 uur later dan volgens vergunning was toegestaan? 1)
2 Bent u op de hoogte van het feit dat uit de documenten die via een Woo-verzoek openbaar zijn gekomen, blijkt dat de vergunningsvoorschriften voor het afschot van wolf Bram bewust zijn overtreden?
3 Wat vindt u ervan dat uit documenten die via een Woo-verzoek openbaar zijn geworden, blijkt dat de vergunningsvoorschriften voor het afschot van wolf Bram bewust zijn overtreden?
4 Weet u dat de toezichthouder in het controlerapport concludeerde dat het afschot van Bram een overtreding is van voorschrift m uit de vergunning en daarmee een overtreding van artikel 5.5. eerste lid onder g uit de Omgevingswet, maar desondanks besloot niet tot handhaving over te gaan? Wat vindt u daarvan?
5 Vindt u dat de Omgevingswet moet worden gehandhaafd? Zo nee, waarom niet? In welke gevallen moet de Omgevingswet volgens u wel of niet worden gehandhaafd (kunt u daar heel specifiek in zijn)?
6 Op welk moment (tijdstip en datum) was u op de hoogte van het afschot van wolf Bram?
7 Was u op de hoogte van het moment van de doding? Zo ja, wanneer heeft u die kennis gekregen?
8 Was u op de hoogte van de strikte vergunningsvoorschriften en in het bijzonder van het voorschrift dat uiterlijk tot 17.33 uur mocht worden gedood?
9 Deelt u de mening dat elke afwijking van de zeer strikte vergunningsvoorschriften, een overtreding is van voorschriften? Deelt u de mening dat het overtreden van de vergunningsvoorschriften ontoelaatbaar is? Zo ja, welke gevolgen heeft dat? Zo nee, waarom niet?
10 Deelt u de mening dat wolven waardevolle en beschermde diersoorten zijn en dus niet lichtzinnig moet worden omgegaan met overtredingen van vergunningsvoorschriften rondom bijvoorbeeld het doden van wolven? Zo nee, waarom niet?
11 Ziet u het gevaar van precedentwerking van het afwijken van vergunningsvoorschriften, zeker gezien er waarschijnlijk al regelmatig sprake is van stroperij en dus het illegaal doden van wolven? Zo nee, waarom niet?
12 Indien u een gevaar ziet in precedentwerking, welke stappen zal u daartegen zetten? Indien u daar niet toe bereid bent, waarom niet?
13 Bent u bereid een strafrechtelijk onderzoek in te stellen naar de doding van wolf Bram? Zo nee, waarom niet en wat gaat u dan doen?
14 Kunt u de vragen één voor één en voor 8 juli beantwoorden?
De Partij voor de Dieren Utrecht eiste vervolgens tekst en uitleg van de provincie Utrecht over het afschieten van Bram. De PvdD verwijt de provincie dat er niet is gehandhaafd en dat Provinciale Staten niet actief zijn geïnformeerd. Fractievoorzitter Jesseka Batteau betoogt dat het college van Gedeputeerde Staten meerdere keren heeft toegezegd om de partijen mee te nemen in ontwikkelingen in het wolvendossier, zodat ze niet verrast zouden worden. “Als je als overheid zelf de regels niet volgt, dan geef je in feite een signaal af dat je met wolven alles kunt doen,” zegt Batteau. “Eén stapje verder en we knijpen ook bij stroperij een oogje toe.”
Een zogeheten interpellatiedebat vond plaats op woensdag 8 juli 2026 over transparantie en verantwoording over de overtreding bij het afschot van wolf Bram (GW3237). Er komt niet veel meer uit dan dat de verantwoordelijke gedeputeerde, Has Bakker (D66), erkende dat het beter was geweest als Provinciale Staten hierover eerder waren geïnformeerd. Die leering is makkelijk te trekken als de doofpot inmiddels uiteen gebarsten is.
Na het debat wordt een ‘Motie van treurnis’ van de PvdD, UtrechtNu! en SP ingediend vanwege:
1) Het handelen van het College, de vergunninghouders en de toezichthouders bij de uitvoering van de afschotvergunning van wolf GW 3237m (Bram) waarbij de voorschriften zijn overtreden, er niet is gehandhaafd en de provincie heeft nagelaten hier sancties aan te verbinden;
2) ‘De grootst mogelijke waardering’ die het College, ook naar doorvragen, blijft uitspreken voor iedereen die betrokken was bij de vergunningverlening en uitvoering, ondanks dat daarin een overtreding is begaan;
3) Onvoldoende reflectie van het College op de ernst van deze overtreding en de verantwoordelijkheden van de provincie als bevoegd gezag.
De motie werd verworpen. Aan de ene kant omdat ‘rechts’, inclusief D66, het allemaal wel prima vindt zoals het gegaan is, en aan de andere kant willen enkele partijen, zoals Volt en GroenLinks wachten op de evaluatie die een week later moet komen.
De verklaring van de provincie over de gang van zaken op die bewuste 1 december 2025 zou absurdistisch lachwekkend zijn als de uitkomst voor Bram niet zo verschrikkelijk was:
“Op de avond van de uitvoering bevonden zich nog anderen in het gebied die in de voorafgaande periode herhaaldelijk hadden geprobeerd de uitvoering van de vergunning te verstoren. Om confrontaties te voorkomen en hun privacy en veiligheid te waarborgen, heeft het uitvoeringsteam dekking genomen en zich buiten het zicht van aanwezigen gehouden. Gedurende enige tijd bleef onduidelijk of de anderen het gebied daadwerkelijk hadden verlaten, waardoor het team niet zonder meer uit de dekking kon komen zonder het risico op nieuwe confrontaties of verstoring van de uitvoering.
Terwijl het team zich nog in dekking bevond, werden actuele monitoringsbeelden ontvangen waarop GW3237m met voldoende zekerheid kon worden geïdentificeerd. Gezien het zwaarwegende maatschappelijke belang is vervolgens besloten door het uitvoeringsteam de zich op dat moment voordoende mogelijkheid tot uitvoering te benutten, in plaats van het gebied te verlaten en op een later moment terug te keren.”
De provincie wil ons doen geloven dat de ‘stoere’ jagers, bij temperaturen richting vriespunt, 5 uur lang ‘in dekking’ hebben gelegen uit angst voor hun privacy en veiligheid en toen dachten: we zijn er toch, laten we die wolf nog even meenemen?
Het evaluatierapport over de “uitname van de probleemwolf GW3237m” zou “een uitgebreide tijdslijn van gebeurtenissen (feitenrelaas) in aanloop naar 1 december 2025” moeten bevatten. De planning is dat deze 14 juli 2026 wordt vastgesteld en aan Provinciale Staten wordt toegestuurd. Wij willen vooral weten wie allemaal op de hoogte waren en toestemde in het overtreden van het vergunningvoorschrift.
Dat rapport, geschreven door CDA-er Koos Janssen, blijkt een volstrekt inhoudsloos document te zijn dat vooral tracht te benadrukken hoe moeilijk en zwaar de ambtenaren van de provincie Utrecht het wel niet hebben (gehad). 11 Janssen verzaakte, bijna vanzelfsprekend, om naast die Utrechtse ambtenaren, het landgoed, burgemeesters en jagers ook de organisaties te interviewen die verzet boden tegen de moordlust van de provincie, jagers en landgoed. Al even vanzelfsprekend, in deze door en door corrupte kringen, doet Janssen geen enkele poging om boven water te krijgen hoe de besluitvorming om Bram in strijd met het voorschrift over de jachttijden te vermoorden, plaatsvond en wie daar bij betrokken waren. Janssen levert een ‘Wij van WC-eend’-rapport af dat de benaming ‘evaluatie’ niet waard is.
Update 17 – Animal Rights en Werkgroep Wolf Leusden doen aangifte tegen schutter wolf Bram en overige verantwoordelijken
Animal Rights en Werkgroep Wolf Leusden hebben aangifte gedaan tegen de persoon die op 1 december 2025 omstreeks 23.10 wolf Bram (GW3237m) illegaal doodschoot.
Er was weliswaar een vergunning om Bram te doden, maar de uitvoering mocht uitsluitend plaatsvinden tussen één uur vóór zonsopgang en één uur na zonsondergang. Op 1 december 2025 eindigde die toegestane uitvoeringsperiode om 17:33. Het fatale schot werd volgens het uitvoeringsverslag om 23:10 gelost, derhalve ruim 5,5 uur later dan mocht.
Vergelijk het met het volgende: Een persoon in Nederland die in het bezit is van een jachtdiploma, jachtakte, jachtgelegenheid, jachtverzekering en een goedgekeurde wapenkluis is gerechtigd om te jagen, maar als hij buiten het jachtseizoen een dier doodschiet, maakt hij zich desondanks schuldig aan stroperij. Iets vergelijkbaars is hier het geval. Wolf Bram werd doodgeschoten buiten het vergunde tijdsframe. Dat is stroperij.
De maximale straf voor stroperij is drie jaar gevangenisstraf of een geldboete tot 22.500 euro. Daarnaast kan het jachtrecht en de wapenvergunning worden afgenomen.
Uit de beschikbare documenten blijkt dat drie personen gezamenlijk het uitvoeringsteam vormden dat op 1 december 2025 belast was met de uitvoering van de vergunning. Hun identiteit is bekend bij de Faunabeheereenheid Utrecht, Stichting Wildaanrijdingen Nederland en de betrokken ambtenaren van de provincie Utrecht en dus voor de politie eenvoudig te achterhalen.
Uit de stukken blijkt dat men zich bewust was van het feit dat de actie illegaal was. De beschikbare documenten maken niet duidelijk welke persoon het dodelijke schot heeft gelost, wie de beslissing heeft genomen de uitvoering voort te zetten nadat het toegestane tijdstip was verstreken, en wie welke rol bij dit alles heeft vervuld. Dat moet uit het politieonderzoek blijken.
Animal Rights en Werkgroep Wolf Leusden hebben de politie verzocht om voor zover uit het opsporingsonderzoek mocht blijken dat ook andere personen opdracht hebben gegeven tot, leiding hebben gegeven aan, opzettelijk hebben bijgedragen aan, of ondanks voorkennis niet hebben verhinderd dat het afschot buiten de vergunningsvoorwaarden plaatsvond, tevens hun rol in het onderzoek te betrekken.
Een belangrijke reden voor deze aangifte, parallel aan het eerder ingediende handhavingsverzoek, is dat de provincie en omgevingsdienst Utrecht de daders de hand boven het hoofd houden. Deze vorm van bestuurlijke corruptie tast de integriteit van de overheid aan. Vandaar dat naast een bestuursrechtelijk traject ook strafrechtelijke vervolging op zijn plaats is.
Update 18 – Zo gaat dat in Utrecht 2
Een besluit op een Woo-verzoek van 19 augustus 2026 laat zien hoe minimaal het ‘onderzoek’ van de Regionale Uitvoeringsdienst (RUD) Utrecht was naar het illegaal afschieten van wolf Bram:
“Er heeft een telefonisch gesprek plaatsgevonden tussen de betrokken partijen, zijnde de
vergunninghouder en de uitvoerende organisatie van het afschot. Van dit gesprek zijn geen
documenten aangetroffen. Er is geen gespreksverslag beschikbaar. Er is uitsluitend een vermelding van dit gesprek opgenomen in het controlerapport van 13 maart 2026, waarin staat dat het gesprek zou plaatsvinden en vervolgens heeft plaatsgevonden.
[…]
Er heeft geen handhavingsgesprek plaatsgevonden tussen de ODU en de individuele uitvoerders
van het afschot. Er berusten hierover bij de ODU dan ook geen documenten. Deze personen zijn bij de ODU ook niet bekend. Contacten verlopen via de uitvoerende organisatie als partij en via de
vergunninghouder.
[…]
Naast de vermelding in het hiervoor genoemde controlerapport dat een gesprek heeft
plaatsgevonden, zijn geen verdere vastleggingen of documenten aangetroffen.”
Het ‘onderzoek’ van de RUD bestond dus uit het lezen van de verklaring van Stichting Wildaanrijdingen Nederland (SWN) en daarop baseerde de RUD dat met één telefoontje naar de SWN de zaak wel was afgedaan.
Per 1 januari 2026 is de RUD opgegaan in de Omgevingsdienst Utrecht (ODU). Deze instantie moest het handhavingsverzoek van de stichtingen Werkgroep Wolf Leusden en Animal Rights beoordelen. Wat daadkracht en competentie betreft is er weinig verschil met de RUD.
Op 19 augustus 2026 besluit de ODU om het handhavingsverzoek niet-ontvankelijk te verklaren en dus geen inhoudelijk besluit over het handhavingsverzoek te nemen. De ODU is van mening dat de stichtingen “geen actueel en reëel belang” bij het op 25 juni 2026 verzochte handhavingsbesluit hebben.
De ODU lijkt in de veronderstelling te verkeren dat ze enkel preventief handhavend en niet bestraffend kan optreden. Ze redeneert vervolgens dat het afschot van Bram “incidenteel van aard” was en dat er “geen concrete aanknopingspunten” zijn dat deze situatie zich zal herhalen. Daarom ziet de ODU het belang van Animal Rights en Werkgroep Wolf Leusden als “theoretisch, hypothetisch en toekomstig van aard” en “is dit onvoldoende voor het aannemen van belanghebbendheid bij een handhavingsverzoek.”
De stichtingen hebben, echter, helemaal niet gevraagd om handhavend op te treden tegen een “theoretisch, hypothetisch” incident in de toekomst. Het handhavingsverzoek verzoekt juist om afschrikwekkend bestraffend en norm-bevestigend, op te treden tegen de daders van het zeer reële, illegale afschot op 1 december 2025.
De ODU lijkt te denken dat ze enkel kan handhaven in de vorm van een last onder dwangsom om bestaande overtredingen op te heffen en toekomstige overtredingen te voorkomen. Echter, met de invoering van de Omgevingswet op 1 januari 2024 kregen de provincies – en daarmee de omgevingsdiensten als uitvoerder – er in het handhavingsrecht een nieuwe bevoegdheid bij: de bevoegdheid tot het opleggen van een bestuurlijke boete. De bestuurlijke boete is een bestraffende sanctie die het bestuursorgaan oplegt. Het besluit dat wordt genomen, heet de boetebeschikking.
Deze bevoegdheid van de ODU volgt ook uit de Landelijke Handhavingsstrategie Omgevingsrecht (LHSO) die wel wordt aanstipt in het controlerapport. In hoofdstuk 3 van het LHSO wordt naast ‘herstel’ ook uitgebreid ingegaan op ‘bestraffing’:
“In het kader van integrale handhaving moet steeds worden beoordeeld of er aanleiding is om de overtreder te bestraffen. Redenen voor bestraffing worden ontleend aan de feiten en omstandigheden rond de overtreding, de overtreder of een combinatie daarvan. Het kan bijvoorbeeld zijn dat de overtreder al eerder in de fout is gegaan (recidive) of dat de overtreder de overtreding calculerend of welbewust heeft gepleegd. Ook de ernst van de overtreding, de wens om wederrechtelijk genoten economisch voordeel af te romen, het belang van ontmoediging, normbevestiging, individuele en algemene preventie etc. kunnen dergelijke redenen vormen.”
Overigens had de ODU ook zonder de Omgevingswet de zaak door kunnen verwijzen naar de strafrechter.
Het spreekt vanzelf dat de stichtingen bezwaar zullen maken tegen dit besluit. Dat bezwaarschrift werd op 27 augustus 2026 ingediend.
Update 19 – Beantwoording Kamervragen
In antwoord op Kamervragen van Tamara ten Hove – afvallig PVV-er, nu lid van het radicaal-rechtse De Nederlandse Alliantie / Groep-Markuszower – op 27 augustus 2026, zegt staatssecretaris Erkens, terwijl hij weet dat wolf Bram in strijd met de vergunning is doodgeschoten: “Ik heb dan ook waardering voor zowel de zorgvuldigheid die de provincie heeft getoond bij het tot stand komen van de afschotvergunning als voor de uitvoering hiervan.” 12
De staatssecretaris van Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur spreekt zijn waardering uit voor het overtreden van een duidelijk voorschrift bij een vergunning, waardoor het afschot neerkomt op stroperij.
In de beantwoording van de vragen moet Erkens verder herhaaldelijk erkennen dat er geen enkel bewijs is voor het hinderen van de jagers door pro-wolf activisten, hoezeer Ten Hove hier ook om bedelt.
Antwoord op vraag 3:
“Het OM is niet bekend met aangiftes over het kapotmaken van wildcamera’s of van fysieke confrontaties.”
Op vraag 4:
“Het OM beschikt niet over gegevens over hoe vaak faunabeheerders worden bedreigd, omdat daarvan geen aangifte is gedaan.”
Op vraag 5:
“Het OM beschikt niet over gegevens over hoe vaak eigendommen van faunabeheerders worden vernield of weggenomen indien daarvan geen aangifte wordt gedaan. Daarnaast worden beschikbare registraties niet uitgesplitst naar de hoedanigheid van betrokkenen, zoals faunabeheerders of activisten. Om die redenen zijn hierover geen specifieke cijfers beschikbaar.”
We hebben dus niets anders dan beweringen, achteraf, na het doodschieten van Bram buiten de vergunning, om die overtreding te rechtvaardigen en een staatssecretaris die dat wel best vindt.
- Avond van de wolf ↩︎
- Italiaanse wolvenexperts waarschuwen: ‘Niet alleen in Nederland bijtincidenten’ ↩︎
- Schriftelijke vragen Uitvoering afschotvergunning na vrijgegeven beelden van wolf GW3237m met welpen ↩︎
- GW3237m betrokken bij incident Austerlitz ↩︎
- Honden mogen weer los, aanlijnplicht Utrechtse Heuvelrug verloopt ↩︎
- Wolvin doodgereden bij Leusden, dna-onderzoek moet uitwijzen welke ↩︎
- Schriftelijke vragen – Spoedvragen naar aanleiding van aanrijding wolvin op Doornseweg in Leusden ↩︎
- Dierenrechtenorganisatie vraagt te wachten met afschieten wolf na aanrijding wolvin ↩︎
- Memorandum Afschot wolff ↩︎
- DNA bevestigt dood ‘probleemwolf’: mijdadvies ingetrokken ↩︎
- Evaluatie uitname probleemwolf GW3237m, Analyse en reflectie op het proces en gezamenlijk handelingsvermogen, Koos Janssen, 01-07-2026, UTSP-1451650717-15600 ↩︎
- Antwoord op vragen van het lid Ten Hove over het bericht dat er cruciale informatie over de jacht op Wolf Bram pas maanden later boven tafel kwam ↩︎




















